Welkom
Liturgie
Pastoraat
Koor
Activiteiten
Open Huis
Boekentafel
Jongeren
Kinderen
Gemeente
Externe betrekkingen
Gebouw
Steun de Dominicus in 2012
Foto's
- - - - - - -
Is de toekomst in onze hand?
Inhoud Dominicuskrant
Nieuws & mededelingen
Dienstenserie
Vroegere Dienstenserie
Contact en info
Links
- - - - - - -
Login
 
Vroegere boekentips Afdrukken E-mail

Om het voor Dominicusgangers (en andere geïnteresseerden) makkelijker te maken om een passend goed boek voor hun (klein-)kinderen te vinden, kun je nu met één muisklik naar een overzicht van alle vijftig titels. Daarin zijn per titel genre, leeftijdsindicatie en thematiek kort aangegeven. Vervolgens kun je de beschrijving van het boek hieronder opzoeken.

----------------------------------------------------------------------
juni 2013


Slaaf kindje slaaf

 

Op 1 juli 2013 is het groot feest, want dan is het 150 jaar geleden dat de slavernij werd afgeschaft in de Nederlandse koloniën Suriname en op de Antillen. In het Surinaams heet die dag Keti-Koti Dé. Keti komt van (ijzeren) ketting, Koti komt van het Engelse cut, (door)snijden en komt van day, dag. Dus het is de dag dat de ijzeren kettingen van de slaven werden doorgesneden, verbroken.
 

ImageSlaaf kindje slaaf heb je zó uit. Maar hou je vast: terwijl je het leest, dringt in één klap tot je door wat die slavernij betekende. Echt, in een half uur! Want hoe kort en eenvoudig het verhaal ook is, het geeft je een dreun, het grijpt je bij de strot. Je gaat je bijna schamen: misschien hebben mijn voorouders hier ook wel aan meegewerkt, of slavernij in elk geval goedgekeurd... Want vroeger beweerden voorgangers in kerken immers dat God de slavernij zelf had ingesteld! Ja, echt waar!
 

Hoofdpersoon is het Nederlandse meisje Maria dat rond 1850 op een plantage in Suriname woont en zichzelf mooi wit vindt. Voor haar twaalfde verjaardag krijgt ze als cadeau een zwart slaafje: Koko, een jongetje van zeven jaar. Hij moet doen wat zij zegt. Als hij niet snel genoeg is, mag ze hem slaan met een speciaal zweepje. Dat vindt ze doodgewoon. Haar vader en moeder doen ook met hun slaven wat ze willen. Ze kopen en verkopen ze op de slavenmarkt alsof het beesten zijn in plaats van mensen. Als een tante van Maria vindt dat de baby van een slavin te hard huilt, houdt ze hem een tijdje onder water. Toen was het goed stil. Dat verzeker ik je.
 

Maria is een onaardig meisje dat vooral aan zichzelf denkt. Dat Koko en andere slaven en slavinnen ook gevoelens hebben, komt niet in haar op. Koko slaapt als een hond op de gang voor de deur van haar kamer, en als Koko verkocht is, moet slavin Oela op de grond voor haar bed slapen. Stel je voor dat ze snurkt! (…) 's Nachts hou ik het zweepje bij me. Ik wil haar niet horen.
 

Af en toe hap je naar adem tijdens het lezen; dat komt omdat het verhaal zo verschrikkelijk goed geschreven is: elk woord hakt erin. Je enige troost zijn de tekeningen, want zo koud en minachtend als de blanke bazen over hun slaven praten, zo warm en met intense liefde zijn diezelfde slaven getekend, zoals slavin Oela met haar pasgeboren kindje.
 

In Duitsland heeft het boek twee heel belangrijke prijzen gekregen, in Nederland geen enkele. Hoe zou dat kunnen komen?

 

Dolf Verroen: Slaaf kindje slaaf, ISBN 97890-67344517, Ger Guijs 2006, € 5,-, AVI 6, 10+.
Deutscher Jugendliteraturpreis & Gustav Heinemann Friedenpreis.

 

Op maandag 1 juli 2013 wordt 150 jaar afschaffing van de slavernij groots herdacht in het Oosterpark in Amsterdam, vanaf 13.00 uur. De herdenking, die live wordt uitgezonden door de NOS, wordt onder meer bijgewoond door koning Willem-Alexander en koningin Máxima, burgemeester Eberhard van der Laan en vice-premier Lodewijk Asscher. Vanaf 14.30 uur zijn er op diverse podia optredens van Surinaamse en Antilliaanse bands (pop en traditioneel). Om 20.00 uur speelt de beroemde Jamaicaanse reggaeformatie Morgan Heritage.

 

----------------------------------------------------------------------
mei 2013


Superworm

 

Image

Superworm is superlang
superslim, voor niemand bang
en altijd even goed in vorm.
Hiep hiep hoera voor SUPERWORM!

 

Zo begint het grappige prentenboek over Superworm, die met zijn elastieken lijf alles kan maar zijn handigheid vooral gebruikt om andere dieren te helpen. Kijkt Babypadje niet goed uit bij het oversteken? Superworm maakt een superlasso van zichzelf en trekt hem net voor de wielen van de fiets weg. Vervelen de bijen zich? Superworm wordt een superspringtouw waar de bijen plezier mee maken. Dreigt Tor te verdrinken in een put?  Superworm verandert zich in een superhengel en vist hem eruit.

 

Maar er dreigt gevaar voor Superworm: Tijn Toverhagedis en Krijn Kraai liggen op de loer. Kraai ontvoert hem en Toverhagedis dwingt hem schatten te zoeken onder de grond. Als hij die niet vindt, dreigt Kraai hem op te eten! Dan verzinnen de vriendjes van Superworm een list om hem te redden:

 

'Erop af!' roept Duizendpoot,
Superhulp voor vriend in nood!

 

Het is prachtig om te zien hoe huisjesslakken, rupsen, spinnen en bijen Superworm te hulp schieten. Het is sowieso een feest om naar de prenten te kijken, net als bij De Gruffalo, dat door dezelfde schrijfster en illustrator gemaakt is. Alle dieren hebben een geinig gezichtje, tot aan kevers en libellen toe. Ook is het leuk om te zien wat Superworm allemaal van zichzelf kan maken: een hoepel, schommel, glijbaan, hijskraan, treintje, achtbaan...

 

Dit prentenboek is al te begrijpen door peuters van drie, maar als je het als grote broer of zus voorleest, zul je zelf evengoed meegenieten, alleen al omdat je niet uitgekeken raakt op de prenten. En grote kans dat je vreselijk veel zin krijgt om al die kriebelbeestjes zelf ook te gaan tekenen!

 

Julia Donaldson & Axel Scheffler: Superworm, ISBN 97890-25752316, Gottmer 2012, € 13,95, 3+.

 

----------------------------------------------------------------------
april 2013

Wonder

 

Image

Stel je bent geboren met een mismaakt gezicht: kleine kinderen zetten het op een brullen zodra ze je zien, grotere kinderen schrikken, draaien zich om of... gaan je pesten. Ze schelden je uit voor E.T. of Golem (je weet wel, dat afschuwelijke ventje uit de film In de ban van de ring).


Dat alles overkomt de tienjarige August uit Wonder. Het boek heet zo omdat August een 'medisch wonder' genoemd wordt. Hij heeft niet alleen een hazenlip, maar ook andere aangeboren gezichtsafwijkingen. Ik ga niet beschrijven hoe ik eruitzie. Wat je ook denkt, ik weet bijna zeker dat het erger is, zegt hij voorin het boek. Na 27 operaties en jarenlang thuisonderwijs gaat hij op zijn tiende voor het eerst naar een gewone school.

 

Van te voren belt het schoolhoofd drie aardige kinderen op om te vragen of ze vriendelijk voor August willen zijn. Dit wordt geen groot succes. Hij hoort één van de 'aardige' kinderen zeggen: Als ik er zo uitzag, zou ik mezelf van kant maken. Behalve aangegaapt - wat hij gewend is - wordt hij in het begin op school gemeden en gepest. Gelukkig sluit één meisje vriendschap met hem, échte vriendschap, dus niet omdat het moet, maar omdat ze dat zelf wil.

 

Dat August zijn eerste jaar op school overleeft, komt door zijn moed en coole humor, vooral zelfspot, doordat zijn ouders en zus ontzettend veel van hem houden en doordat er steeds meer mensen echt om hem gaan geven, zoals het schoolhoofd en ook kinderen uit zijn klas: allemaal onvergetelijke mensen met een groot hart, al zijn ze niet altijd even aardig. Tijdens het lezen ga je zelf ook steeds meer van August houden, zoveel dat je vast je tranen niet meer in kunt houden...

 

Wonder is een prachtig, ontroerend debuut van een Amerikaanse schrijfster, dat al in tientallen talen verscheen. Op elke basisschool die serieus iets tegen pesten wil doen, zou dit boek in groep 7 en 8 voorgelezen en besproken moeten worden...


R.J. Palacio: Wonder, ISBN 97890-45114163 Querido, 2013, 10+. 


----------------------------------------------------------------------
maart 2013

Kikker en Beertje & Spelen met Kikker

Image

Kikker en Beertje bestaat eigenlijk uit drie beroemde boeken: Kikker vindt een vriendje, Kikker vindt een schat en Kikker is bedroefd. Je kent Kikker vast wel van toen je nog klein was: hij is vriendelijk, goedgelovig, wil altijd goede dingen doen maar soms kan hij ook dom zijn. Kikker is net een mens en het bijzondere van de boeken over Kikker is dat ze veel mensen aan het denken zetten. Ja, ook volwassenen!

In Kikker vindt een vriendje vindt Kikker een teddybeer. Omdat Kikker zo lief voor hem is, gaat Beertje leven en hij wordt een echte vriend. Als hij op een dag terug wil naar waar hij vandaan kwam, is Kikker verdrietig. Gelukkig komt Beertje bij hem terug, nu uit vrije wil...

In Kikker vindt een schat gaan Kikker en Beertje schatgraven. Als ze een heel diepe kuil gegraven hebben, vallen ze erin en... kunnen er niet meer uit. De volgende dag redt Rat hen met een ladder. Fijn dat ze gered zijn maar jammer: geen schat. Of wel? Rat ziet in de berg aarde een steen van wel honderd miljoen jaar oud! Hij poetst hem op en geeft hem aan Kikker. Ik wist niet dat een steen zoiets bijzonders kon zijn, zegt Kikker. Wist jij dat? Dat gewone dingen zo bijzonder kunnen zijn?

In Kikker is bedroefd is Kikker depri en hij weet niet waarom. Beertje probeert hem op te vrolijken maar dat lukt niet. Dan gaat Rat voor hem vioolspelen. En zoals in de bijbel koning Saul weer vrolijk werd van de muziek van David, zo wordt Kikker weer vrolijk van de muziek van Rat. Muziek kan mensen die ziek in hun hoofd zijn, beter maken. Dat was duizenden jaren geleden zo en dat is nog steeds zo. Mooi hè?


Spelen met Kikker
is een lief knuffelboekje voor je babybroertje of -zusje, zodat hij of zij alvast kan kennismaken met Kikker. Wie met de prijsvraag Kikker en Beertje wint, krijgt dit boekje erbij!

Max Velthuijs: Kikker en Beertje, Leopold, ISBN 97890-25861445, € 19,95, vanaf 3 jaar.
Max Velthuijs: Spelen met Kikker, Leopold, ISBN 9789025861315, € 9,95, vanaf 3 maanden.

----------------------------------------------------------------------
februari 2013

Groter dan een droom

Image

Als je naar de voorkant van dit boek kijkt, krijg je al een idee wát er groter is dan een droom: twee kinderen fietsen in het licht van een gigagrote maan door een leeg groen landschap. Daar moet iets bijzonders aan de hand zijn! En dat is ook zo.

Op de eerste bladzijde van Groter dan een droom zit een jongen aan een kale, lege tafel met drie stoelen eromheen. Er ritselt iets in zijn oor. Het is de stem van zijn overleden oudere zus. Vannacht neem ik je mee! gilt ze, onhoorbaar voor anderen.
Als mama hem 's avonds naar bed brengt, vraagt hij haar of doodgaan pijn doet. Alles wordt stil, zegt mama. Dood zijn is als dromen, maar dan groter.


Opeens staat zus naast zijn bed. Ze neemt hem mee op een fietstocht door de stad, door het bos, over de beek, door het gras en zelfs door de lucht! Ze gaan naar het kerkhof waar haar buitenkant ligt begraven, naar het ziekenhuis waar ze lag en ze roeien in een bootje. Dan gaan ze terug naar huis en vallen naast elkaar in slaap. De volgende ochtend is zus verdwenen, maar de kale, lege tafel uit het begin is nu een gezellige ontbijttafel geworden, vol warme broodjes, fruit, kaas en bloemen. En niet met drie stoelen eromheen, maar vier!

Het boek is veel mooier dan ik het hier kan vertellen. Als je dood bent, heb je geen zijwieltjes nodig. Knap gezegd! En dan: Het duurde niet lang of we waren hoger dan de bomen. De blaadjes ratelden tussen onze spaken en we rinkelden met onze fietsbellen de vogels uit de takken. Die woorden zijn al mooi, maar als je de plaat erbij ziet: wow, dat is fietsen achter de vogelmuziek aan en dan nog hoger. Je gaat er zelf bijna van zweven.

Het boek is ook mooi door het warme gevoel dat je ervan krijgt. Het maakt je een beetje gelukkiger, vooral als je verdrietig bent om iemand die er niet meer is. Je voelt dat die iemand er nog steeds is: in een land groter dan een droom.


Jef Aerts & Marit Törnqvist: Groter dan een droom, Querido, ISBN 97890-45114019, € 16,95, vanaf 6 jaar. Zie ook http://www.youtube.com/watch?v=5-4_rQ2E5Zc


----------------------------------------------------------------------
januari 2013

Het eiland


Het eiland
is een geheimzinnig, sprookjesachtig, reuzegroot prentenboek met zestien prenten, steeds over twee bladzijden. Er staat geen woord in zodat je zelf het verhaal kunt bedenken. Het boek is gemaakt door vader Ronald en dochter Marije Tolman, die eerder een Gouden Penseel wonnen met hun prentenboek De boomhut, ook al zonder woorden. Vader tekende de boomhut en dochter de dieren. Ook voor Het eiland werkten ze op deze manier samen.

Image

De hoofdpersoon van Het eiland is dezelfde ijsbeer als uit De boomhut. Van de boomhut maakt de ijsbeer samen met een bruine beer zijn huis, maar in Het eiland gaat hij op reis. Uit een wolk daalt hij neer op aarde, waar een grote groep papegaaiduikers hem opwacht of welkom heet. Via een stellage met een soort rad van avontuur zwemt hij met andere dieren naar (of langs?) verschillende eilanden, waarvan er één op Terschelling lijkt. Je hebt dan al zoveel vreemds gezien – zoals een dodo, een uitgestorven vogel – dat je het niet raar meer vindt dat daar een flamingo overvliegt en dat de ijsbeer direct daarna bij een tropisch eiland terechtkomt.


Op een gammele vuurtoren in zee ontmoet de ijsbeer een vioolspelende wasbeer. Die wordt zijn nieuwe vriendje. Op de laatste prent zitten ze knus tegen elkaar aan naar een vallende ster te kijken. En wie een vallende ster ziet, mag... Precies!


Misschien is jouw verhaal bij de prenten heel anders. Het leuke aan dit boek is dat iedereen er haar of zijn eigen verhaal bij kan bedenken, of je nu lezen kunt of niet. Leuk is ook dat hoe sprookjesachtig het boek ook is, je de dieren precies kunt herkennen. Kijk maar eens hoeveel je er kent: pauw, luiaard, zilvermeeuw, rode kwal, pelikaan, reiger, dolfijn en nog veel meer. En het derde leuke is dat dit boek nooit kinderachtig wordt, hoe oud je ook bent.


Het eiland
is ook een heel stil boek. Het lijkt wel een droom of een stomme film (dat is een film zonder geluid). Dat komt goed uit, want deze maand januari is uitgeroepen tot de maand van de stilte. De enige die niet stil hoeft zijn ben jij, want jij mag het verhaal erbij vertellen!


Marije & Ronald Tolman: Het eiland
, Lemniscaat, ISBN 97890-477-04287, € 14,95, alle leeftijden. Januari 2013 is de Maand van Spiritualiteit met als thema Stilte. Het eiland is één van de kerntitels van deze Maand van de Spiritualiteit.

----------------------------------------------------------------------
december 2012

Sint en de pakjesdief
&
Het Kerstverhaal 

Image

Als je vindt dat je ergens recht op hebt, maar je krijgt het niet, mag je het dan pakken? Sommige mensen vinden van wel. Wat vind jij? In Sint en de pakjesdief probeert een kabouter cadeautjes van Sinterklaas te pakken omdat hij het niet eerlijk vindt dat de kabouters nooit iets van Sinterklaas krijgen. Dat noem ik stelen, zegt Sinterklaas. Maar de kabouter zegt: Dat noem ik gerechtigheid. En hij kijkt er verschrikkelijk boos bij.
Hoe Sinterklaas dit probleem oplost, verklap ik niet. Wel dat het een ontzettend geinig Sinterklaasboek is. Het verhaal is humoristisch en ontroerend en de tekeningen vol kleine grapjes zijn dat ook. Echt één van de leukste Sinterklaasboeken van de laatste jaren, niet alleen voor kleuters maar ook voor grote broers en zussen of volwassenen die het voorlezen.

Image

Ook Het kerstverhaal is een fijn voorleesboekje. Natuurlijk zijn er al stapels boeken voor kleuters over Jozef en Maria en het kindje Jezus, maar deze springt er toch uit. Het verhaal is op een liefdevolle, rustige manier verteld, het meest vanuit Jozef en Maria, maar ook vanuit Ibrahim, een herdersjongen die naar het bijzondere kindje komt kijken.
De tekeningen zijn fris en eenvoudig. Maria heeft in het begin een bolle buik en Jozef timmert met hamer, zaag en beitel een wiegje.
Leuk is ook dat je er een bouwpakket bij krijgt van de kerststal met alle figuren, aan beide kanten gekleurd. Het is gemaakt van super stevig karton dat wel hout lijkt en dus niet snel stuk gaat. Je zet het zó in elkaar met je kleine broer of zusje. Kortom: Het kerstverhaal is een mooi boekje waar alles aan klopt!


Martine Bijl & Loes Riphagen: Sint en de pakjesdief, De Fontein, ISBN 97890-261-33565, € 9,95, 5+.
Vivian den Hollander & Mies van Hout: Het kerstverhaal, Ploegsma, ISBN 97890-21670850, € 14,95, 3+.

----------------------------------------------------------------------
november 2012

De ogen van Sitting Bull

 

Stel je voor: je demente oma komt bij jou thuis wonen tot er plaats is in het zorgcentrum. Omdat jullie huis klein is, moet ze in jouw kamer slapen en jij moet verhuizen naar een een matras op de grond in de slaapkamer van je ouders...
Dat overkomt Valentijn in De ogen van Sitting Bull. Het vervelendste is nog dat Valentijn nu niet naar de muurschildering van Sitting Bull kan kijken, die hij voor zijn tiende verjaardag in zijn kamer heeft gekregen. Vooral de rustige, wijze ogen van het indianenopperhoofd mist hij.

 

Image

Het verhaal gaat van zondag tot en met vrijdag. Eerst vindt Valentijn oma eng: ze eet vies en zegt rare dingen. Maar door Sitting Bull worden ze vrienden. Valentijn vertelt haar dat Sitting Bull opperhoofd van de Lakota Sioux indianen was en laat haar zijn indianenpoppetjes zien. Dat vindt ze leuk. Samen slepen ze Valentijns matras terug naar zijn kamer. De brief met oma's aanmelding voor het zorgcentrum die Valentijn op de post moet doen, moffelt hij weg: hij vindt het nu veel te gezellig met oma. Ze kruipt met hem in de tipi die vader voor hem koopt. We horen bij elkaar, zegt Valentijn dan, net als de indianen. We zijn een stam.


Helemaal warm van binnen word je als je leest hoe oma en Valentijn elkaar 's nachts vertellen waar ze bang voor zijn. Oma heeft nachtmerries over vroeger, toen ze als kind gepest werd. En Valentijn is bang voor het schoolreisje op vrijdag. Het mooie is dat ze elkaar helpen hun angst te overwinnen. Hoe? Dat moet je zelf maar lezen. In elk geval is oma minder 'kinds' als Valentijns ouders eerst dachten. Ze is alleen erg vergeetachtig.


De ogen van Sitting Bull is een prachtig verhaal over een bijzondere vriendschap. Knap verteld in precies de goede woorden en nergens kinderachtig. Soms grappig, bijvoorbeeld als Valentijn vindt dat oma's gezicht eruit ziet alsof het nodig gestreken moet worden. Soms is er een zin die je op twee manieren kunt begrijpen, alsof die ene zin twee dingen tegelijk zegt. Bijvoorbeeld: als Valentijn bij die tipi ook twee indianentooien van zijn vader krijgt, denkt hij: Mijn vader bedoelde het goed. Daarmee zegt hij meteen ook dat hij zich eigenlijk te groot vindt voor zo'n tooi. Dat kun je dan 'tussen de regels door lezen'.
Soms denk je: nu wordt er iets overgeslagen, maar door de zin erna begrijp je het toch. Dan 'heb je aan een half woord genoeg'. En een zin als Soms moet je iets hardop zeggen om te weten dat het waar is, mag in een gouden lijstje!


Mireille Geus: De ogen van Sitting Bull, 2-de druk, Lemniscaat, ISBN 97890-47703884, € 14,95, 9+.

----------------------------------------------------------------------------
september/oktober 2012

De grote Robin

 

Vroeger, toen je klein was, heb je vast de boeken van Sjoerd Kuyper over Robin voorgelezen gekregen. Kleuter Robin is geen durfal maar hij denkt wel veel na en heeft veel fantasie. Hij groeit op in een gelukkig gezin in een dorp, hij krijgt een babyzusje en hij wordt verliefd. Heel gewoon allemaal, denk je nu misschien, en toch zijn de boeken over Robin nooit saai. Dat komt omdat Sjoerd Kuyper het allemaal zo mooi en precies opschrijft, net alsof hij door de ogen van Robin de wereld in kijkt. Eigenlijk is dat ook zo want Robin lijkt veel op Sjoerd Kuyper toen hij zo klein was.

 

Image

In De grote Robin staan drie bekroonde boeken over Robin: Robin en Suze (Zilveren Griffel), Robin en God (Gouden Griffel) en Robin is verliefd (Zilveren Griffel).
Misschien is Robin en God wel het mooist. Robins papa gelooft niet in God maar opa wel. Robin begint over God na te denken als opa het sprookje van Piggelmee voorleest. Daarin wil vrouwtje Piggelmee, als ze al koningin van de hele wereld is, ook nog Onze Lieve Heer worden. Ze wordt dan als straf voor haar hoogmoed teruggestuurd naar de armoedige Keulse pot waar ze in woonde.

Robin vraagt zich dan af wie die Onze Lieve Heer is. Hoe ziet hij eruit, woont hij bij de sterren, kan hij je horen als je iets tegen hem zegt en zegt hij dan ook iets terug? Aan papa hoeft hij dat niet te vragen, want volgens papa is God een verzinsel van mensen van vroeger, toen ze nog niet zoveel wisten.
Maar met opa kan hij wel over God praten. Robin denkt dat God heel veel oren moet hebben omdat hij kan luisteren naar heel veel biddende mensen tegelijk. 'Jij snapt het,' zegt opa. 'God heeft heel veel oren. Voor ieder mens één oor.'
'Ook voor papa?' vraagt Robin dan. 'Ook voor papa,' zegt opa dan, 'maar in het oor voor papa heeft God een watje gestopt.'

Robins papa is allergisch voor God en geeft Robin geen ruimte om zelf te bedenken hoe God zou kunnen zijn. Opa geeft hem die ruimte wel. Hij dwingt Robin nergens toe, hij luistert en reageert puur vanuit zijn gevoel, omdat hij het zelf ook allemaal niet zo precies weet. Net als veel mensen in de Dominicus...

De grote Robin is een prachtig boek om voor te lezen aan je kleine broer of zusje. En reken maar dat het je zelf intussen ook aan het denken zet. En dat je ervan mee geniet!

Sjoerd Kuyper: De grote Robin, ill. Marije Tolman, Lemniscaat, ISBN 97890-47704379, € 19,95, 4+. Sjoerd Kuyper ontvangt dit jaar de Staatsprijs voor Kinder- en Jeugdliteratuur én een Zilveren Griffel voor zijn nieuwste Robin: 'O rode papaver, boem pats knal!'

----------------------------------------------------------------------------------------
Zomer 2012
 

Minke springt

 

Nog nooit heb ik een boek van mezelf op deze site gezet, maar dit keer vroegen de mensen van de Dominicus-boekenhoek mij nadrukkelijk om dit wel te doen omdat ze van mijn nieuwe boek Minke springt de zomeractie gingen maken.

Daar moest ik even over nadenken. Want ik kan nu niet, zoals anders, schrijven hoe mooi of spannend het boek is. Dat zou raar en opschepperig zijn. Wel kan ik vertellen waar het boek over gaat en hoe ik op het idee kwam.

 

Image

Minke springt is het zesde deel in een reeks die begon met De kinderen van de binnentuin, een boek dat ik schreef voor de kinderen van de Dominicus en voor de kinderen in mijn straat. In de meeste boeken spelen Tim en Taco, twee vrienden van negen jaar, de hoofdrol. Tim lijkt op mijn zoon en Taco lijkt op onze buurjongen.

 

In Minke springt komen Tim en Taco ook voor maar de hoofdrol is nu voor hun buurmeisje Minke. Minke speelt elke dag met hen en met de andere buurkinderen, Nina, Heleen en Jan-Willem, in de grote binnentuin achter hun huizen.
Het zit haar niet mee: ze wil op paardrijles, net als Nina, maar dat kunnen papa en mama niet betalen. En 's nachts schrikt ze soms zó van het lawaai van de junks die boven haar wonen dat ze per ongeluk in haar bed plast. Overdag is ze er nog bibberig van. Prompt noemen de andere kinderen haar huilebalk en bangeschijter.
Gelukkig laat Tim haar niet in de steek. Hij is de enige die weet van het bedplassen maar hij bewaart het geheim. Minke is een beetje op Tim.
Minke moet op schilderles omdat mama denkt dat ze zich daardoor beter gaat voelen. Maar Minke wil véél liever paardrijden! Ze besluit haar paardrijles zelf bij elkaar te verdienen met karweitjes.
Al gauw heeft ze genoeg voor de eerste vijf lessen. Dan blijkt Minke talent te hebben, én gevoel voor pony's. Daardoor verandert alles, al gaat het met vallen en opstaan...

 

Mijn buurmeisje Maaike inspireerde mij om dit boek te schrijven. Minke is in het boek heel anders geworden dan Maaike in het echt was, maar wel verdiende zij ook haar eerste paardrijlessen zelf bij elkaar toen ze 8 was. Nu is ze 28 en juf op een basisschool. Ze is ook juf in paardrijden en heeft mij les gegeven zodat ik beter kon opschrijven wat paardrijden met je doet. Ook heb ik cursussen Communiceren met paarden gevolgd, ben ik naar een ponykamp geweest en een paardenboerderij in Friesland. Want ook al fantaseer je nog zoveel, je verhaal moet natuurlijk wél helemaal kloppen!

 

Lieke van Duin: Minke springt, Mozaïek Junior, ISBN 97890-23994138, € 8,95, 7+. Het boek is bij de boekentafel te koop en deze zomer krijg je er een mooie boekenlegger bij.

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
juni 2012

Nino en Nina

 

Image

Hou zou je het vinden als al je wensen uitkwamen? Dat overkomt Nino, de kleine steenhouwer uit het prentenboek Nino en Nina. Hij en Nina hakken stenen uit rotsen. Van hun stenen wordt een weg gemaakt. Dat is zwaar werk. Op een dag komt de koning langs in een koets, door dienaren gedragen. Nino verzucht: Ik wou dat ik koning was. En meteen ís hij koning! Als koning Nino gaat wandelen door de paleistuin, brandt de zon wel erg heet. Ik wou dat ik de zon was, zegt Nino. En meteen ís hij de zon. Maar als er een wolk voor de zon schuift, wil Nino de wolk zijn. En als de regen uit de wolk alles wegspoelt behalve een rots, wil hij die rots zijn. Je raadt het al: uiteindelijk is Nino weer steenhouwer.
Toch is er iets veranderd: hij is nu beeldhouwer en hakt een beeld dat erg op hemzelf lijkt...
Nino en Nina is een verhaal dat aan het denken zet. Wat zou het betekenen?


Het verhaal lijkt op het verhaal De Japanse steenhouwer dat in een beroemd boek staat: Max Havelaar. Dat boek, meer dan 150 jaar geleden geschreven, is een aanklacht tegen de onderdrukking van Indonesië door Nederlanders toen dat land nog een kolonie van Nederland was en Nederlands-Indië heette. De Japanse steenhouwer is dan ook een oosters verhaal en Nino en Nina dus ook.

Dat oosterse kun je goed zien aan de prachtige illustraties in gloedvolle kleuren. De figuurtjes lijken uitgeknipt als wajangfiguren in een wajangvoorstelling, een schimmenspel met platte poppen die je met stokjes tegen een doek laat bewegen. De lamp erachter zorgt dat het publiek wel de figuren door het doek ziet, maar niet de speler.
Ondanks het knipwerk zit er geweldig veel vaart, ritme en beweging in de prenten.
Alsof er muziek in zit, net als de gamelanmuziek bij een wajangvoorstelling.
Elke twee bladzijden naast elkaar hebben een eigen hoofdkleur, maar Nino en Nina springen er steeds uit doordat ze anders van kleur zijn. Als je deze prenten ziet, krijg je meteen zin om zelf ook een verhaal te knippen!

 

Alice Hoogstad & Anton Wegman: Nino en Nina, Querido, ISBN 97890-45112299, € 13,95, 3+.

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
mei 2012 
 

De schepping


Iets maken uit niets, dat is het meest wonderbaarlijke wat bestaat. Daarom zijn scheppingsverhalen de meest fantastische verhalen die er zijn. De mensen hebben er duizenden bedacht en ze verzinnen nog steeds nieuwe. Vorige zomer stond hier een stukje over zo'n nieuw scheppingsverhaal: De zesde dag. En hier is zo'n verhaal dat misschien nóg mooier is: De schepping van kinderboekenschrijver Bart Moeyaert.


ImageBart heeft het geschreven voor Het Nederlands Blazers Ensemble. Dat orkest wilde namelijk een beroemd muziekstuk uitvoeren dat ook De schepping heet, van de Oostenrijkse componist Josef Haydn. Die muziek is al ruim 200 jaar oud en het orkest wilde er graag nieuwe woorden bij.

Bart Moeyaert begint zo: In het begin was er niets. Het is moeilijk om je dat voor te stellen. Je moet alles wat er nu is er nog niet laten zijn. Je moet het licht uitdoen, en er zelf niet zijn, en dan ook nog eens al het donker vergeten, want in het begin was er niets, ook het donker niet.

En dan bedenkt hij een grappige God die als een goochelaar met zijn handen wappert – nee, het wordt niet oneerbiedig – en een ik-figuur die daar vol verbazing naar zit te kijken en slimme vragen stelt, zoals God, waarom heeft u eerst het licht gemaakt en pas later de zon? Moest het niet andersom?

De ik-figuur wordt ook boos op God omdat hij zich zo alleen voelt, alsof hij een foutje in de schepping is. Dan grinnikt God en schept hij allerlei dieren en ten slotte een vrouw. Ze was mooi en bloot als ik, en ze gaf bijna licht.

En dan die prenten. Je hebt God nog nooit zo getekend gezien! Een soort dikke, kale, vriendelijke oude monnik met een lange baard, een kringetje van heiligheid boven z'n hoofd en armen die superlang worden zodra hij aan het scheppen slaat. Een God met humor. Een God die van spelen houdt. Een lieve, wijze God. Prachtig!

Bart Moeyaert: De Schepping, Querido, ISBN 97890-45100456, 7-de druk, € 14,50, 9+ (Gouden Uil, Zilveren Griffel, Zilveren Penseel, Boekenleeuw 2004). Er is ook een cd van: ISBN 97890-70778088, € 15,95.
Zie ook Tine Mortier en Tom Schamp: De zesde dag, De Eenhoorn, ISBN 97890-58384379, € 13,95, 5+ (Kinderboekentip Zomer 2011).

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
april 2012

Jouw beschermengel


Heb je wel eens iets doms of gevaarlijks gedaan wat goed afliep? Ja? Dan heeft je beschermengel je misschien wel geholpen.


Er is nu ook voor je babybroertje of -zusje een "boekje" over een beschermengel. "Boekje" tussen aanhalingstekens want het is meer een kussentje met stoffen blaadjes ertussen. Daarop zie je een engeltje rondvliegen dat zorgt dat er geen nare  dingen met kleine kinderen gebeuren. Eén blaadje knispert. Dat vinden baby's een spannend geluid.


Image

Het is een lief, vrolijk en fleurig kussenboekje. En veilig ook want er zitten geen giftige stoffen in. Baby's kunnen er dus naar hartenlust op sabbelen. Als het vies is geworden, stop je het gewoon in de wasmachine.

Je vraagt je misschien af wat baby's met boekjes moeten. Ze snappen toch nog niks van wat je voorleest?
Nou, ze snappen meer dan je denkt. Als je vertelt bij de plaatjes van een boekje als dit, leren ze iets zonder je woorden te begrijpen. Ze leren dat je een boekje niet op z'n kop moet houden, dat plaatjes leuk zijn, dat je bladzijden van links naar rechts omslaat, dat er een nieuw plaatje komt als je een bladzijde omslaat en dat samen naar zo'n boekje kijken gezellig is. Dat is heel wat voor een baby!

Bovendien hebben wetenschappers ontdekt dat als je vanaf de wieg samen met baby's boekjes bekijkt, ze later op de basisschool beter kunnen leren dan kinderen die níet van jongs af aan werden voorgelezen.

Nog iets. Voor kinderen vanaf 9 jaar is er ook een prachtig prentenboek over een beschermengel. Het heet Opa en het geluk van Jutta Bauer en het is in 2001 bij uitgeverij Querido verschenen. In dit boekje vertelt een opa aan zijn kleinzoon over zijn leven, ook tijdens de oorlog. Hij praat met geen woord over zijn beschermengel maar je zíet hoe die hem beschermd heeft. Het is alleen nog in de bibliotheek te vinden maar het is zo ontroerend mooi dat ik het niet kon laten om het te noemen.

Natascha Rosenberg: Jouw beschermengel, De Vier Windstreken, ISBN 97890-51162349, € 12,95. Van 3 maanden tot 1½ jaar.

----------------------------------------------------------------------------
maart 2012

Duizend kraanvogels

Misschien herinner je je de tsunami nog die een jaar geleden de kust van Japan overspoelde waardoor duizenden mensen omkwamen. Het ergste was dat ook een rij kerncentrales verwoest werd. Daarbij kwam veel radio-activiteit vrij: straling die je niet ziet maar waarvan je jaren later kanker kunt krijgen.

ImageLang geleden overkwam dat een Japans meisje, Sadako. Toen er in 1945 een atoombom viel op Hirosjima, de stad waar zij woonde, was ze twee jaar. Ze leek gezond op te groeien en was supergoed in hardlopen. Pas toen ze elf was, werd ze er ziek van.

Een vriendinnetje vertelde haar het oude Japanse verhaal dat je een wens mag doen als je duizend kraanvogels vouwt van papier. In Japan is de kraanvogel het symbool voor een lang leven, hoop en geluk. Sadako begon te vouwen en wenste dat ze beter zou worden en weer zou kunnen hardlopen. Ze bad ook of alle andere kinderen die ziek waren geworden van de straling beter mochten worden.

Of ze genoeg kraanvogels vouwde, weet niemand, maar beter werd ze niet. Ze stierf in 1955. Toch waren de vele kraanvogels die ze had gevouwen niet voor niets: het verhaal over haar werd wereldberoemd en ze kreeg een monument in het Vredespark in Hirosjima. Klik bij Wikipedia op Sadako Sasaki en je ziet het.

Duizend kraanvogels is een prachtig nieuw prentenboek over Sadako, verteld vanuit haar kat. De illustraties lijken op oude Japanse prenten en de gezichten daarin op Russische matriosjka-poppetjes. Een boek om stil van te worden.

Ook voor de slachtoffers van de tsunami en de kernramp van vorig jaar in Japan werden duizenden kraanvogels gevouwen. Dat kun je nu weer doen. Om aan de kinderen te denken die ziek zijn van de radio-actieve straling. En voor iedereen die erg ziek is. Op internet staat hoe je zo'n kraanvogel kunt vouwen.

Judith Loske: Duizend kraanvogels, De Vier Windstreken, ISBN 97890-51162059, € 13,95, 6+. 

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

februari 2012

Kampioen

Je bent gek op sport, vooral op zwemmen, je wordt op je tiende Fries jeugdkampioen vlinderslag en dan krijg je een verschrikkelijk ongeluk waardoor je onderbeen geamputeerd moet worden. Je vecht je in twee jaar terug naar de nationale zwemtop, niet alleen voor invalide zwemmers maar ook voor zwemmers zonder handicap.

Onmogelijk? Nee, het is echt gebeurd. In 2009 kreeg de toen elfjarige Olivier uit Elsloo dat ongeluk met zijn pony. Corien Oranje schreef een boek over hem waarvan de tranen over je gezicht en de rillingen over je rug lopen, niet alleen als je over het ongeluk leest, maar ook als je leest hoe hij terugkomt, letterlijk met vallen en opstaan. Want Olivier is geen wonderkind. Hij is een gewone jongen maar wel een jongen met een ongelooflijk doorzettingsvermogen, die twee jaar na het ongeluk 's ochtends om half vijf opstaat om vóór schooltijd te kunnen trainen. En hij heeft het geluk dat zijn ouders hem in alles steunen.

ImageIn het boek heet Olivier Victor, dat in het echt zijn tweede naam is. Al lezend leef je intens met Victor mee. Je voelt de teleurstelling als hij eindelijk z'n prothese krijgt: hij had zó gehoopt dat hij dan weer kon rennen en voetballen maar dat rotding doet wekenlang alleen maar pijn! Maar je leeft ook mee als Victor weer grip op zijn leven begint te krijgen, al is na acht maanden de enige sport die weer enigszins lukt zwemmen. Maar op wedstrijdniveau zwemmen lukt nog niet, tenminste niet tegen zwemmers zonder handicap. De zoveelste teleurstelling. Maar hij gaat door, tegen de verdrukking in.

Een jaar later, in 2011, fietst Victor elke dag dertig kilometer. Hij moet en zal terugkomen. En dan wint hij de ene medaille na de andere, zelfs goud op de tweehonderd meter bij de zwemmers zonder handicap. Alsof het ongeluk hem uiteindelijk extra vleugels, extra motivatie heeft gegeven. Lees het in Kampioen,  een prachtig, moedgevend boek!

Na zijn reeks medailles kwam Olivier op het Jeugdjournaal: http://jeugdjournaal.nl/item/249481-zwemkampioen-met-een-been.html. In januari 2012 werd Olivier bovendien door lezers van jeugdkrant Sevendays verkozen tot Jongere van het Jaar 2011. Zie www.sevendays.nl/node/2961.

Corien Oranje: Kampioen, Columbus, ISBN 97890-85431718, € 9,95, 9+.

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

januari 2012

Kleine Man en God

Een wondermooi, raadselachtig boek is Kleine Man en God. Het begint zo:

ImageKleine Man houdt van wandelen in de vroegte.
Op een morgen ziet hij iets vreemds, aan de kant van de weg.
'Niet bang zijn,' zegt het.
Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, denkt Kleine Man.
'Wie bent u?' vraagt hij voorzichtig.
'Ik ben God.'
'Bent u God? Dé GOD? Ik dacht dat u er heel anders uitzag!'
'Ik ben dan ook niet dé God, maar gewoon een god.'
Hier moet Kleine Man even over denken.
'Zijn jullie dan met veel?'
'We zijn met zoveel als er sterren aan de hemel staan, en zelfs nog meer.'

Al pratend wandelen ze verder. God verandert zich met gemak in allerlei gedaanten: een konijn, hert, cowboy, indiaan... Als hij zich in een gorilla verandert, wordt Kleine Man bang, maar als hij zich zo verandert dat hij op de vader van Kleine Man lijkt, is het weer helemaal goed.
Kleine Man vraagt God om bij hem thuis een omelet te komen eten, maar God weet niet wat dat is en zwemmen kan hij ook niet. Zegt hij. Hij loopt liever over het water. 'Wauw!' zegt Kleine Man. 'Ik had ervan gehoord. Maar ik had het nog nooit gezien!'
'U kent mijn naam niet eens', zegt Kleine Man als ze afscheid nemen. 'Toch wel,' zegt God. 'Je heet Theo. Dat is hetzelfde als God. Wist je dat?'

De prenten zijn net zo bijzonder als de tekst. Ze vertellen een eigen verhaal dat niet in de woorden staat. Vooral de kleur oranje zegt veel. God heeft een oranje lichtkrans om zich heen, maar allerlei stenen, bloemen en dieren hebben dat ook. Tijdens het afscheid straalt de hele omgeving en als Kleine Man daarna blij de afwas doet, straalt hijzelf ook.
Wat zou dat stralen betekenen, denk je? Ja, iets moois, maar wat voor moois? Kom je het me vertellen?

Kitty Crowther: Kleine man en God, De Eenhoorn, ISBN 97890-58387127, € 14,50, 6+ en volwassenen.

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

december 2011

 Jezus - van mens tot mens

Jezus als schooljongen die met een bloedneus en onder de blauwe plekken thuiskomt omdat hij het op het schoolplein heeft opgenomen voor een jochie dat gepest werd. Jezus die niet wil dat de mensen in hém geloven, maar in God. Jezus die verlegen wordt van zoveel dankbaarheid van mensen die weer hoop krijgen na een toespraak van hem. Jezus die het benauwd krijgt van al die mensen die tegen hem opkijken 'alsof ik godweetwat ben.' Jezus die tijdens het laatste avondmaal op zijn vrienden proost met: 'Wie zou ik zijn als ik jullie niet had?' En Jezus die, als hij gearresteerd is, tegen hogepriester Kajafas zegt: 'Ik heb mij nooit de zoon van God genoemd. Ik noem mij de zoon van mensen, niet meer en niet minder.'

ImageIn dit boek laat Karel Eykman een kant van Jezus zien die je vast nooit eerder zo is opgevallen: zijn menselijke kant. Het is een mooie kant: Jezus gaat voor eerlijkheid en vrede, hij vindt arme en zieke mensen meer de moeite waard dan rijke heren en machtige baasspelers, maar een watje is hij niet! Terwijl hij gewaarschuwd wordt om niet naar Jeruzalem te gaan omdat het daar veel te gevaarlijk voor hem is, gaat-ie tóch. Je moet maar durven!

Nu is Karel Eykman een schrijver met veel fantasie, maar wel fantasie die uit de  bijbel voortkomt, waardoor je als het ware wakker geschud wordt en denkt: hé, zo zou het best wel eens gegaan kunnen zijn. Zo verzon Eykman een farizeeër die vanaf het begin van het boek tégen Jezus is, maar hem langzaamaan steeds meer gaat respecteren: niet dat hij het met Jezus eens wordt, maar hij wil hem bestrijden met woorden en niet met geweld, zoals de farizeeën in Jeruzalem. Hij waarschuwt Jezus zelfs tegen zijn Jeruzalemse collega's... Dit staat wel niet in de bijbel, maar het is logischer dan dat álle farizeeën tegen Jezus geweest zouden zijn.

Fantasie op deze manier helpt je denken. Soms gaat de fantasie met de schrijver op de loop, bijvoorbeeld als hij zegt dat in Jericho de bovenmeester een handtekening van Jezus wil, 'om in te lijsten, voor op school.' En soms gaat zijn fantasie de fout in, bijvoorbeeld in het verhaal over de storm op het meer, als Petrus - die hier Peter heet - roept dat hij gaat gijpen en dat dus het grootzeil naar beneden moet: iedereen die wel eens heeft gezeild, weet dat het met storm onmogelijk is om je zeil te laten zakken als er een gijp dreigt...
Maar dit vergeef je Karel Eykman graag, evenals de vele personen die hij weggelaten heeft, zoals Judas de verrader en Barabbas de moordenaar: daar gaat het niet om in dit boek. Waar het wèl om gaat, om Jezus als mens, dat komt prachtig uit de verf. Opeens ga je Jezus met andere ogen zien: hij komt dichter bij je dan ooit.

Karel Eykman: Jezus – van mens tot mens, De Fontein / Kwint'essens, ISBN 9789026128554, € 19,95, 10+ en volwassenen, in de boekenhoek te koop. 

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

oktober/november 2011

Superbeesje is al onderweg

Hoera, van 5 tot en met 15 oktober is het weer Kinderboekenweek, en dit keer gaat het over helden, superhelden nog wel!

ImageEen geweldig heldenprentenboek voor je kleine broertje of zusje is Superbeesje is al onderweg. Eerst zie je verschillende dieren in nood, zoals een olifant die vastzit in de modder, een kameel met uitgedroogde bulten in de woestijn en een walvis die verdwaald op een strand ligt. Maar kijk, Superbeesje is al onderweg! En je ziet een lieveheersbeestje vliegen met raketmotor onder zijn schildjes! Hij redt de dieren alsof hij Onzelieveheer zelf is met ongelooflijke reddingsacties!

Prachtig om te zien hoe dat inimini-beestje die reusachtige beesten te hulp schiet. Ook het slot is grappig en lief, als Superbeesje tevreden in zijn bed ligt en een oproep krijgt dat een uil niet in slaap kan komen... Dan doet hij iets wat je zelf ook kunt als je kleine broertje of zusje niet kan slapen. Ik verklap niks, kijk zelf maar!

Voor jezelf is er ook een prachtig boek: Helden! – mensen die de wereld mooier maakten. Het was de tip van de Maand van december 2009. Er is nu ook een luisterboek van gemaakt. Klik hier en je vindt het boek.

Guido van Genechten: Superbeesje is al onderweg, Clavis, ISBN 90-44815986, € 15,95, 3+.

Janny van der Molen: Helden! – mensen die de wereld mooier maakten, Ploegsma, ISBN 90-21667676, 400 p, € 29,95 (gebonden), € 19,95 (paperback), € 16,95 (luisterboek), 9+.

-----------------------------------------------------------------------------------------

september 2011

De hond, de haan en de jakhals

ImageVeel verhalen van lang geleden zijn nog altijd boeiend. Dat zie je aan bijbelverhalen, die duizenden jaren oud zijn, maar ook aan de verhalen van de Griekse slaaf Aesopus, die 2500 jaar geleden leefde.
De verhalen die Aesopus vertelde, zijn fabels: dierenverhalen met een moraal, een soort les. Een wel heel mooie bundel fabels van Aesopus is De hond, de haan en de jakhals. Mooi omdat de verhalen in frisse, nieuwe taal van nu vertaald zijn, maar ook omdat de illustraties geweldig zijn: lekker gek en met veel humor. Kijk maar eens naar die grapjassen van mieren bij de wereldberoemde fabel van De krekel en de mier. 
Bij elk verhaal staat de les erbij, vaak in de vorm van een spreekwoord of gezegde zoals: In nood leer je je vrienden kennen, of: Door schade en schande wordt men wijs, of: De ene dienst is de andere waard.

De schrijfster en de tekenaar wonen allebei in Zuid-Afrika en ze hebben er dan ook een kleurig Afrikaans boek van gemaakt. De schrijfster denkt zelfs dat Aesopus een Afrikaanse slaaf in Griekenland was, omdat er zoveel Afrikaanse dieren in zijn verhalen voorkomen: leeuwen, gieren, jakhalzen, koedoes... En als de dieren niet Afrikaans zijn, máákt de schrijfster ze wel Afrikaans. Waarom ook niet?
En toch: niet alleen mensen uit Afrika herkennen zich in deze verhalen, maar mensen uit de hele wereld. En dat al duizenden jaren!

Beverley Naidoo & Piet Grobler: De hond, de haan en de jakhals, vertaling Koos Meinderts, Lemniscaat, ISBN 90-47703778, € 16,75, 7+.

-----------------------------------------------------------------------------------------

Zomer 2011

De zesde dag

ImageJe kent vast wel het scheppingsverhaal uit de bijbel, dat vertelt hoe God de wereld schiep in zes dagen, waarna Hij uitrustte op de zevende dag. Het is een mythe: een verhaal dat niet echt gebeurd is maar wel heel mooi, en dat je helpt geloven, denken of fantaseren.
De mensen hebben honderden verhalen bedacht over hoe de wereld begon en er worden nog steeds nieuwe bij gemaakt.

Een heel origineel en grappig scheppingsverhaal is het prentenboek De zesde dag, waarin de schepper van de wereld een kind is dat vijf dagen lang hard gewerkt heeft: hij heeft lucht en water gemaakt, regen en zon, bomen, planten, bloemen, vissen, vogels en landdieren. De zesde dag is een stralende zomerdag. God gaat met zijn emmertje en schepje naar het strand en bouwt een zandkasteel. Kijk eens! zegt hij trots, maar er is niemand om te komen kijken. In het oerwoud bouwt God een stoere boomhut, maar weer komt er niemand kijken. In de bergen maakt hij een sneeuwpop, bij het water bouwt hij boten, door de lucht vliegt hij met aangeplakte vogelveren maar nooit is er iemand die zegt: Wow, wat mooi! Steeds zegt God teleurgesteld: Ik heb geen vrienden.

Tenslotte gaat hij zelf vrienden maken. Eerst lukt het niet, tot hij naar zijn spiegelbeeld in het water kijkt. Dan kneedt hij een vriendje van klei dat op hemzelf lijkt. Hij bakt zijn vriendje in een vulkaankrater en het wordt glanzend mooi, met de kleur van de maan. Hij kneedt er nog een paar en laat die iets langer bakken waardoor ze donkerder worden, maar even mooi. Ze roken naar verse broodjes en God zag dat het goed was.  
 
Je moet het boek lezen als een kalender, dus niet van links naar rechts maar van boven naar beneden. De prenten zijn net geheimzinnige zoekplaatjes: als je goed kijkt, zie je steeds meer. In het begin zie je Gods gezicht bijvoorbeeld niet; dat zie je pas als hij vrienden gaat kneden en dan blijkt hij geen kind meer te zijn want dan heeft hij heeft wit haar, een baard en snor. Die zesde dag moet dus wel superlang geduurd hebben! Zo zitten er meer denkgrapjes in de prenten; kijk maar eens naar de omslag: hoeveel zessen zie je daar?

Tine Mortier en Tom Schamp: De zesde dag, De Eenhoorn, ISBN 90-58384379, € 13,95, 5+.    

-----------------------------------------------------------------------------------------

mei 2011

Kikker en de vreemdeling

Image Misschien ken je het prentenboek Kikker en de vreemdeling wel, want Max Velthuijs heeft het in 1993 al gemaakt en het is net als de andere boeken over Kikker wereldberoemd geworden. Nieuw is dat er nu een flink groot boek van gemaakt is, zodat het makkelijker is om aan een groep kinderen voor te lezen omdat ze de platen dan beter kunnen zien. Het verhaal spreekt trouwens niet alleen kleine kinderen aan, maar ook grotere. Jou vast ook wel, lees maar:



Op een dag verschijnt er een vreemdeling in het vertrouwde wereldje van Kikker, Varkentje, Eend en Haas. Varkentje en Eend reageren vijandig, Haas vindt dat hij niemand kwaad doet en dat het bos van iedereen is, en Kikker is vooral nieuwsgierig.
Varkentje vindt hem een vieze, stinkende rat en volgens Eend moet je uitkijken voor ratten omdat ze dieven zijn, lui en brutaal. Als Kikker argeloos vraagt Hoe weet je dat? antwoordt Eend met de bekende dooddoener Dat weet toch iedereen
Kikker gaat Rat maar eens opzoeken en merkt dan dat Rat helemaal niet vies, lui en brutaal is. Hij is alleen ánders: een vrijbuiter die verschillende talen spreekt en veel kan vertellen over verre landen. Maar er zijn spectaculaire heldendaden van Rat nodig voordat de anderen hem ook accepteren... 

De dieren hebben meer extreme karakters dan in de andere Kikkerboeken. Vooral Varkentje komt onverwacht lelijk over met haar vooroordelen. En dat terwijl Rat niets bedreigends heeft. Zielig is hij trouwens ook niet: hij is zichzelf en brengt het bos iets nieuws en spannends. Hij wordt alleen een vreemdeling omdat de anderen hem zo zien. Misschien kom je dat in de echte wereld ook wel eens tegen...
 
 

Max Velthuijs (1923-2005) hield van verhalen waar je iets van kan leren. In Kikker en de vreemdeling is zijn boodschap tegen vreemdelingenhaat heel duidelijk. Maar zoals altijd liet hij het goed aflopen: als Rat weer verder trekt, zijn alle dieren, ook Varkentje, verdrietig en missen ze hem. Daardoor is het niet alleen een actueel, maar ook een warm verhaal dat je aan het denken zet over vooroordelen.
  

Max Velthuijs: Kikker en de vreemdeling, Leopold, ISBN 90-25857929, € 12,95, 3+. In het vernieuwde Kinderboekenmuseum in Den Haag is een tentoonstelling over Kikker. Mensen met een Museumjaarkaart kunnen tot 15 juni 2011 elke woensdag om 14.00 uur gratis met kinderen en kleinkinderen naar een Kikkermiddag vol verhalen en verrassingen! Wel even aanmelden: www.kinderboekenmuseum.nl of 070-3339666.

--------------------------------------------------------------------------------------------------

april 2011

Ondergedoken als Anne Frank

Image Ondergedoken als Anne Frank is een boek om nooit te vergeten. Er staan veertien verhalen in van joodse kinderen die in de Tweede Wereldoorlog moesten onderduiken, vaak gescheiden van hun ouders. Echt gebeurd, adembenemend en allemaal anders.
Over Jaap die zich in een vuilnisbak verstopt voor de Duitse soldaten. Over Liesje, die liever op het onderduikadres van haar ouders tussen de ratten slaapt dan van haar ouders gescheiden te worden.
Over Bloeme, die vlucht uit de Hollandsche Schouwburg in Amsterdam (vlakbij Artis) waar joden gevangen werden gezet voor ze op transport naar Westerbork moesten. Later wordt ze toch gepakt en gaat ze in dezelfde trein als Anne Frank naar concentratiekamp Auschwitz.
Over Sieny, die leidster wordt in het kinderdagverblijf tegenover de Hollandsche Schouwburg, waar de joodse kinderen overdag heen moeten en vanwaar ze veel kinderen laat ontsnappen. Alles bij elkaar zijn er minstens vijfhonderd kinderen via de crèche ondergedoken, vertelt ze. 
Over Jacky die gered wordt door NSB-buren en na de oorlog zijn ouders niet kan vergeven omdat ze hem als kleuter aan vreemden meegegeven hadden. Over kinderen die na de oorlog 'Dag meneer, dag mevrouw' zeggen tegen hun ouders, áls die nog leven...

Wonder boven wonder kon dit alles nog naverteld worden: de kinderen die dit meemaakten, overleefden – soms door stom toeval - de oorlog. Een aantal van hen, nu tussen de 75 en 90 jaar, was bij de presentatie van het boek, in het Joods Historisch Museum, aanwezig. Kinderen uit groep 8, die hun verhalen gelezen hadden, stelden vragen als: Hoe voelde u zich toen u zo lang in die donkere kast moest liggen? Hoe vond u het om een andere naam te krijgen en uw eigen naam te moeten vergeten? Was u bang toen de soldaten u vonden?
Het bijzondere was, dat doordat kinderen van nu spraken met kinderen van toen, het grote verschil in leeftijd wegviel: dwars door de rimpels van nu 'zag' je de kinderen van toen: kinderen zoals jullie nu zijn! Die echtheid voel je ook als je hun verhalen leest: het is alsof de vertellers naast je zitten. Zo komt geschiedenis tot leven!
In de kantlijn staan vignetjes die verwijzen naar
www.ondergedokenalsannefrank.nl, waar je de kinderen van toen zelf hun verhalen hoort vertellen, geïllustreerd door tekeningen, kaartjes en animatiefimpjes. Een indrukwekkend boek!

Marcel Prins en Peter Henk Steenhuis: Ondergedoken als Anne Frank, Querido, ISBN 90-45111964, € 13,95, 10+.
Op de site staan verhalen van meer ondergedoken kinderen. Het boek is ook verkrijgbaar bij de boekentafel van de Dominicus.

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

maart 2011

Waar komen al die kleuren vandaan?

 

Image Hoe kan uit een klein zaadje een grote plant komen? Hoe komt het dat rivieren stromen? Waarom kan je de geur van bloemen niet zien? Hoe kan de aarde nu draaien? En hoe kan de aarde van binnen branden? Hoe komt het dat vissen niet verdrinken? Hoe weten trekvogels waar ze naartoe moeten?

Kleine mensen kunnen meer vragen stellen dan grote mensen kunnen beantwoorden. Misschien stelt je kleine broertje of zusje jou ook wel van die moeilijke vragen. Het geeft niet als je het antwoord niet weet. Het zou niet eens leuk zijn als je op alle vragen een antwoord wist, want dan was er niets meer om je over te verwonderen.

In het prentenboek Waar komen al die kleuren vandaan? worden alleen de vragen gesteld. Omdat er geen enkel antwoord bij staat, ga je vanzelf bedenken dat de wereld eigenlijk heel mooi en wonderlijk in elkaar zit.

De prenten zijn ook heel mooi en wonderlijk gemaakt. Je vraagt je af: Hoe heeft Marcus Pfister – bekend van De mooiste vis van de zee en van de boeken over Haas Huppel – die prachtige patroontjes toch in z'n prenten gekregen? Hij heeft nat-in-nat geschilderd, maar daar kun je niet alles mee verklaren. En hoe heeft hij die zilveren glimmertjes op elke bladzijde gekregen?

We weten alleen dat dit zijn vijftigste boek is en dat hij daar iets bijzonders van wilde maken. En dat is hem beslist gelukt!

Marcus Pfister: Waar komen al die kleuren vandaan?, De Vier Windstreken, ISBN 90-251161717, € 14,95, 3+. Het boek is ook verkrijgbaar bij de boekentafel van de Dominicus.

---------------------------------------------------------------------------------------------------

februari 2011

Tonje en de geheime brief

Image Tonje, bijna 10, is een dondersteen met een gouden hart. Ze woont in Noorwegen in het Glimmerdal tussen hoge bergen en diepe fjorden. Haar vader is boer en is er altijd; haar moeder onderzoekt de smeltende ijskappen op Groenland en is er dus bijna nooit.

Tonje’s  beste vriend is haar peetvader, de oude Gunnvald, die prachtig viool kan spelen. Haar vijand is Klaus Hagen, de baas van Hagens Heilzame Camping waar geen kinderen mogen komen omdat die ‘de rust verstoren’.
Tonje, het enige kind in het dal, houdt juist van keihard zingen, van halsbrekende salto’s op de ski’s en van het uittesten van de bestuurbare sleeën met en zonder remmen die Gunnvald ontwerpt.
 
Op een dag krijgt Gunnvald een brief waar hij geheimzinnig over doet: een vrouw die hij van vroeger kent, is overleden. Met haar blijkt Gunnvald een dochter te hebben over wie hij Tonje nooit iets heeft verteld. Vader en dochter hebben elkaar in geen eeuwen gezien; het is dan ook helemaal mis tussen hen. De volwassenen in het dorp weten wat er vroeger gebeurd is maar hebben dat ook altijd geheim gehouden voor Tonje. Tonje is daar behoorlijk kwaad over.
 
Intussen zijn er per ongeluk een paar kinderen op de kindvijandige camping terecht gekomen. Tonje sluit vriendschap met ze, vooral nadat ze er door Klaus Hagen uitgegooid zijn. Geleidelijk ontraadselt Tonje het geheim van de brief, geholpen door de kinderen. En dwars door verdriet, wrok en woede heen blijkt zij in staat om vader en dochter weer met elkaar te verzoenen.

Tonje en de geheime brief is het tweede boek van de jonge Noorse schrijfster Maria Parr. Het eerste was De wonderlijke lotgevallen van Olle en Lena waarvoor ze een Zilveren Griffel kreeg. Dik verdiend, want vaak moet je huilen en lachen tegelijk als je het leest. Dit nieuwe boek is minstens zo mooi: humoristisch én ontroerend, speels én ernstig. Nu speelt ook de natuur een indrukwekkende rol: de hoge bergtoppen, smeltende sneeuw, bruisende rivier, ontluikende lente - het is alsof je er middenin staat en de tintelend frisse lucht inademt! 

Beide boeken doen denken aan die van Astrid Lindgren: ze zijn heel levendig geschreven en spelen zich af in een klein, veilig dorp als Bolderburen. Tonje is stoer als Pippi Langkous en de dochter van Gunnvald ziet eruit als een reusachtige Ronja de Roversdochter. Maria Parr wordt dan ook wel de nieuwe Astrid Lindgren genoemd. Een hele eer! Toch is ze vooral zichzelf: een schrijfster die prachtige nieuwe boeken schrijft die je in één ruk wilt uitlezen! 
 
Maria Parr: Tonje en de geheime brief, Lannoo, ISBN 90-20991109, € 13,95, 8+.

-------------------------------------------------------------------------------------------

november - december 2010

Polleke

Image

De meester is verliefd op mijn moeder! Kan het nog erger? Nee!
Zo begint Polleke, over een meisje dat gedichten schrijft en allerlei problemen heeft van kinderen in een grote stad. Eigenlijk zijn het vijf boeken-in-één. Aan het begin is ze elf en op het eind wordt ze dertien. Ze is verliefd op haar Marokkaanse klasgenoot Mimoen die in de flat tegenover de hare woont en die van zijn ouders met een Marokkaans meisje moet trouwen. Haar vader Spiek is in deel 1 nog een junk die geld steelt en beweert dichter te zijn, maar in deel 5 is hij boeddhist geworden en heeft hij zijn eigen Spiritueel Centrum. Polleke’s moeder Tina trouwt intussen met de meester van Polleke.

Bij al deze heftige dingen vindt Polleke troost en rust bij haar opa en oma die op een boerderij wonen en in God geloven: respectvol maar niet overdreven of schijnheilig. Bij hen heeft Polleke ook een eigen kalfje dat ze naar zichzelf noemt.
Maar in deel 4 sterft opa en in deel 5 gaat het over het herdenken van opa, het bedenken waar hij nu zou kunnen zijn en het nadenken over de vraag of contact met opa nu nog mogelijk is. Polleke’s Mexicaanse vriendinnetje Consuelo helpt haar daarbij, ook al spreekt ze slecht Nederlands.

Er gebeurt zóveel in Polleke. Het gaat over hoe mensen met elkaar omgaan, over hoe vooroordelen ontstaan, over geloven op verschillende manieren, en over wie bepaalt wat ‘hoort’ is en wat niet. Zo vindt een ouderling die bij opa en oma op bezoek komt dat oma haar kleindochter niet goed bidden geleerd heeft omdat Polleke begint met Beste God

Ondanks al die ernstige onderwerpen schiet je steeds in de lach, want het boek is heel humoristisch geschreven. De gesprekken zijn levendig en recht-voor-zijn-raap, met uitdrukkingen als Echt wel!, Mieter op, jij! en Ach heremejee, de filestenen over ons!
Dat Polleke veel prijzen kreeg is geen wonder want het is een onvergetelijk boek dat je aan het denken zet over alle belangrijke dingen in het leven! 

Guus Kuijer: Polleke, tekeningen Alice Hoogstad, Querido, 486 p, € 19,95, 10+. Het boek is verkrijgbaar bij de boekentafel.
Deel 1, Voor altijd samen, amen, is verfilmd. (Volwassenen: voor deel 5, Ik ben Polleke, hoor! staan lestips op
www.woutertjepieterseprijs.nl)

P.S. Als jij een boek gelezen hebt, dat je zó goed vindt dat je denkt: dit moeten andere kinderen ook lezen, mail dan naar: liekevanduin@dds.nl. Ik neem dan contact met je op en dan maken we samen een Extra Kinderboekentip van …. (op de stippeltjes komt dan jouw naam en leeftijd). Dan komt jouw boekentip hier óók te staan! Lieke

-------------------------------------------------------------------------------------------

oktober 2010

Mees Kees – In de gloria

Image

In de Kinderboekenweek, dit jaar van 6 t/m 16 oktober, is het feest! Veel kinderen mogen dan van hun ouders een boek uitzoeken en dan krijg je er nog een gratis boek bij ook! En het kinderboekenweekgeschenk van dit jaar, Mees Kees – In de gloria van Mirjam Oldenhave, is het mooiste sinds jaren!

Het is het zesde deel over meester Kees, een stagiair van vijfentwintig jaar. Het lesgeven moet hij echt nog leren maar in het omgaan met kinderen is hij een natuurtalent. De klas van Tobias, die het verhaal vertelt in de ik-vorm, is dol op hem.

Mees Kees houdt net zoveel van spelletjes als de kinderen. Hij bereidt zijn lessen niet voor en verzint de ene smoes na de andere om het lesrooster om zeep te helpen. Meteen ’s ochtends je lunchboterham opeten noemt hij ‘voedselproject’, een spellingles wordt galgjesspelen en bij topografie over België vertelt mees Kees belgenmoppen. Nee, wat lesgeven betreft zou mees Kees nog veel kunnen leren van de ervaren meester Jaap uit de boeken van Jacques Vriens, met wie hij goed zou kunnen opschieten.

Tobias is slecht in spelling en met voetballen is hij ook al geen held, maar dat kan hem niet schelen. Er zijn ergere dingen in de wereld. Zijn vader is doodgegaan en zijn moeder is daar zó verdrietig over dat ze de hele dag op bed ligt. Ze verwaarloost Tobias, vergeet zelfs zijn verjaardag. Mirjam Oldenhave vertelt dit laatste nogal droog, zonder zielig gedoe, maar daardoor schrik je er juist des te meer van.

Gelukkig voelt mees Kees Tobias perfect aan en al lezend begrijp je steeds beter waardoor. Tobias hoeft niet eens te vertellen wat hem dwars zit. Zo neemt Mees Kees elke dag een dubbele boterham met omelet voor Tobias mee omdat die geen brood van zijn moeder meekrijgt… En als mees Kees naar een andere school moet voor zijn stage, blijft hij Tobias bijles geven.

Iemand van de boekentafel zei dat mees Kees ‘een echte Dominicusganger’ zou kunnen zijn. Sja, of mees Kees ergens in gelooft is onbekend, maar een goed mens is-ie zeker!

Mirjam Oldenhave kan in weinig woorden veel zeggen. Dat noemt ze ‘strak schrijven’. Ze schrijft ook zo, dat je van haar boekenkinderen gaat houden. En ze krijgt je binnen een uur in tranen, eerst van het lachen en daarna van het huilen. En het boek sluit ook nog mooi aan bij het thema van de Dominicus in oktober: dat aan alles in het leven een einde komt… Gelukkig zijn er nóg vijf boeken vol humor en ontroering over mees Kees!

Mirjam Oldenhave: Mees Kees – In de gloria, tekeningen Rick de Haas, CPNB, 8+, gratis in de kinderboekenweek (6-16 oktober) bij tien euro aan kinderboeken (op 10 en 17 oktober ook bij de boekentafel; daarna zolang de voorraad strekt.)

P.S. Als jij een boek gelezen hebt, dat je zó goed vindt dat je denkt: dit moeten andere kinderen ook lezen, mail dan naar: liekevanduin@dds.nl. Ik neem dan contact met je op en dan maken we samen een Extra Kinderboekentip van …. (op de stippeltjes komt dan jouw naam en leeftijd). Dan komt jouw boekentip hier óók te staan! Lieke

----------------------------------------------------------------------------------------------------------

september 2010

Tikken tegen de maan

Image Gebed (voor God?)

Lieve God,
als u bestaat,
zorg dan dat Loes,
dat is mijn poes,
maar dat wist u al,
de operatie overleven zal.

Dit gedicht van Koos Meinderts is één van de vijftig die Joke van Leeuwen koos voor de bloemlezing Tikken tegen de maan (een bloemlezing is een boek met gedichten van verschillende dichters). Bij elk gedicht koos ze een andere illustrator zodat het ook een prachtig kijkboek is geworden.
Je kent Joke van Leeuwen vast wel. Ze is de schrijfster van Iep!, Kukel, Het verhaal van Bobbel en Deesje, bekende boeken met eigenzinnige hoofdpersonen die grappig en origineel zijn maar eigenlijk ook heel gewoon.

Joke schrijft zelf ook poëzie en maakt tekeningen maar in Tikken tegen de maan heeft ze zichzelf overgeslagen. Toch voel je haar aanwezigheid, namelijk in de keuze die ze heeft gemaakt. Ze koos gedichten met humor, met iets geheimzinnigs, iets verrassends, iets bevrijdends, met ‘net dat extra slagje dat ze boven het gewone uittilt’. Zoals ook haar eigen boeken altijd net een extra slagje hebben, of twee slagjes, of drie, of vier…    

Er staat ook een gedicht in dat Ton Honig - de onlangs jong overleden voorganger van de Dominicus die ook kinderboeken schreef - zo mooi vond dat hij het in één van zijn boeken gebruikt heeft. Het is geschreven door Theo Olthuis en het paste bij Ton Honig, het past bij Joke van Leeuwen, het past bij mij en misschien ook wel bij jou:

In je hoofd
kun je alles.
Fietsen naar de maan,
op de wolken staan.
Strelen met je handen los,
lopen door een donker bos.
Vechten als een tijger,
dansen met een elf.
Afscheid nemen zonder tranen,
alles gaat vanzelf.
 

Joke van Leeuwen (samenstelling): Tikken tegen de maan, ISBN 978-90-79705-04-7, Ons Erfdeel, € 19,50, alle leeftijden vanaf 6 jaar, verkrijgbaar bij de boekentafel

--------------------------------------------------------------------------------------------

zomer 2010

Woordkok

Image

Eind juni overleed Ton Honig, voorganger van de Dominicuskerk. Hij was al jaren ziek. Je kunt over zijn leven lezen in het In Memoriam Ton Honig op deze site. In memoriam betekent ter herinnering.

Iedereen was erg verdrietig. Toch heeft Ton iets nagelaten om vrolijk van te worden. Hij was namelijk ook kinderboekenschrijver en het leek wel alsof zijn boeken steeds grappiger werden, hoe ziek hij ook was. Zijn laatste boek, over poëzie, is Woordkok, dat hij samen met zijn vrouw Sophie van Boven maakte. Sophie maakte op de computer net zulke geinige collages voor het boek als voor de website die erbij hoort: www.woordkok.nl.
 
Woordkok gaat over een papieren woordrestaurant voor fijnproevers: Op lange houten keukenplanken stonden potten met woorden. Met zorg en aandacht kneedden en klutsten Woordkok en zijn koksmaat Kees daar hun zinnen van. (…) Zo bakten en kookten ze hun teksten in alle denkbare en ondenkbare smaken. Met knapperig krokante alliteraties en af en toe een witregel, want Een witregel zegt wat woorden niet kunnen vertellen.

Dan gebeurt er iets naars: tegenover het restaurant van Woordkok verschijnt Take-Away De hippe hap, een afhaalpunt voor makkelijke dreunrijmpjes op bestelling, panklare poëzie en andere kant-en-klaarkost om zonder goed proeven naar binnen te schrokken. Al gauw zit Woordkok elke avond met een leeg restaurant…

In het verhaal staan gedichten van bekende dichters en woordgrapjes die met eten te maken hebben, zoals gepeperde woorden, zouteloze taal, woorddiarree, Keuringsdienst van Woorden en Pleebekbeest (op de wc).
 
Uiteindelijk worden de vaste gasten van De hippe hap getroffen door een virus waardoor ze alleen nog maar blablabla kunnen blèren. Maar voor Woordkok laat Ton Honig het – optimistisch als hij altijd was - goed aflopen. Diens restaurant begint weer te lopen en er komen kinderen helpen die bijzondere dingen bakken: Woordkok wist zeker dat er een paar toekomstige dichters tussen zaten.

Wie weet ben jij wel zo’n toekomstige dichter! Ton Honig zelf is er niet meer, maar met het originele, geestige Woordkok blijft hij inspireren: hij daagt je hersens uit en prikkelt je dichtader!   

Ton Honig en Sophie van Boven: Woordkok, uitgeverij Bakermat,   € 15,95, 9+.

Verkrijgbaar bij de boekentafel van de Dominicus, evenals enkele andere kinderboeken van Ton Honig.

-----------------------------------------------------------------------------

juni 2010

Meneer G.

ImageMeneer G. is een boekje om warm en blij van te worden. Het gaat over een meneertje in een doodstil dorp, midden in een gortdroge woestijn. Op een dag doet meneer G. een beetje raar en loopt het dorp uit. Een week later komt hij terug met een bloembol die hij in het zand plant. Met deze bloem ga ik voor een beetje muziek zorgen, zegt hij. De mensen van het dorp verklaren meneer G. voor gek, want bloemen groeien niet in de woestijn en muziek maken doen ze al helemaal niet!

Meneer G. verzorgt zijn bloembol met liefde, dag en nacht. Uit de bol komt een sprietje. Het sprietje groeit en dan opeens gebeurt er iets ongelooflijks, waardoor de mensen uit het dorp een concert te horen krijgen zoals ze nog nooit hebben gehoord!
 
Met Pinksteren hield Claartje Kruijff een toespraak in de Dominicus over de muziek die ze vorig jaar op Pinkpop hoorde, over jonge musici die de geest kregen, die in hun eigen muziek geloofden en zich niet wilden verkopen aan de geldwolven van de commercie. 

Meneer G. krijgt ook de geest. Het hele dorp verklaart hem – hij is echt een roepende in de woestijn – voor gek, maar hij gelooft in zichzelf. Door zijn liefde en toewijding groeit de kleine bol uit tot iets groots. Iedereen roept dat het onmogelijk is, maar toch gebeurt het wonder en iedereen geniet ervan!

Niet alleen het verhaal is prachtig, de tekeningen zijn dat ook. Het zijn cartoons: je moet erom lachen en ze zetten je aan het denken, zoals het plaatje waarop meneer G. de bloembol een glaasje wijn geeft…

Heel soms ontmoet je een boek waar alles aan klopt. Ontmoeten? Een boek is toch geen mens? Klopt, maar toch! Meneer G. is een supergaaf boekje, klein maar fijn!

Gustavo Roldán: Meneer G. ISBN 978-90-475-1180-9, Van Goor, € 9,99, vanaf 4 jaar.

-----------------------------------------------------------------------------------------------------

mei 2010

Oorlogsgeheimen

ImageDeze maand is het 70 jaar geleden dat de Tweede Wereldoorlog begon en 65 jaar geleden dat hij eindigde. Een prachtig boek daarover is Oorlogsgeheimen van Jacques Vriens. Het speelt in een dorp in Zuid-Limburg, waar de oorlog in de beginjaren nog niet zo erg is. De elfjarige Tuur vindt het juist wel spannend als hij midden in de nacht naar de schuilkelder moet omdat er luchtalarm is. En dat is vaak, omdat de Engelse vliegtuigen die op weg naar Duitsland overvliegen, wel eens te vroeg hun bommen laten vallen. Als zijn buurmeisje Maartje, op wie hij verliefd is, ook maar bij hem in de schuilkelder zit.

De oorlog komt dichterbij als op een nacht zo’n vliegtuig door de Duitsers wordt neergehaald en ze op jacht gaan naar de piloot. Tuur ontdekt dat die piloot bij hen thuis op zolder zit. Natuurlijk moet dat geheim blijven! Maartje heeft ook een groot geheim. Maar als je zulke goede vrienden bent als Tuur en Maartje, vertel je elkaar je geheimen. Dan vertelt Maartje dat ze Joods is en uit Amsterdam komt; ze is dus ondergedoken bij de buren van Tuur. Supergevaarlijk, want hun overbuurman werkt met de Duitsers mee en hun meester op school ook! Het gaat lang goed, totdat…

Jacques Vriens ken je vast van de boeken over Meester Jaap en van veel andere boeken die op school spelen. Hij heeft zich zo goed ingeleefd in Tuur en Maartje dat je helemaal met hen kunt meevoelen, ook als je nog niet veel over de Tweede Wereldoorlog weet. Het boek is spannend, ontroerend en tenslotte ook verdrietig.

Als je het uit hebt, begrijp je allerlei dingen uit de oorlog beter, zoals wat NSB-ers en SS-ers waren, waarom veel voedsel op de bon was, dat je de Duitsers ook kon dwarszitten door net te doen alsof je met hen meewerkte, dat niet alle Duitse soldaten slechteriken waren, waarom de mensen van het verzet zo weinig vertelden en dat in sommige kerken zelfs het Mariabeeld in het verzet zat! 

Jacques Vriens: Oorlogsgeheimen, ISBN 978-90-475-0119-0, Van Holkema & Warendorf, € 12,95, vanaf 9 jaar.

----------------------------------------------------------------------------------------------------

maart/april 2010

Iep!

boek & film

ImageIep! is een wondermooi verhaal over liefde en vrijheid, vasthouden en loslaten.

De vogelkenner Warre vindt onder een struik een wezentje dat half mens, half vogel is. Voorzichtig draagt hij het vogelmeisje naar huis. Daar proberen hij en zijn vrouw Tine haar met overstelpend veel liefde op te voeden tot een beschaafd meisje. Dat mislukt: ze is ontembaar. Ze leert wel een beetje praten maar kan van de klinkers alleen de i zeggen, zodat haar naam Vogeltje Viegeltje wordt. De langste zin die ze kan zeggen, is: Ik miet een bieteriemetje met pindekies.  

Tine naait een fladderjasje voor Viegeltje zodat niemand haar vleugels kan zien, maar toch vliegt ze op een dag weg: Het leek op schoolvliegslag, rugvliegslag, luchttrappelen. Overal waar Viegeltje neerstrijkt, willen de mensen haar houden, maar steeds vliegt ze er weer vandoor, zonder dag te zeggen. Het slot is ontroerend: Tine en Warre mogen Viegeltje verzorgen als ze een schot hagel door haar vleugels heeft gekregen, en laten haar tenslotte gaan, met als afscheidscadeau een gouden ringetje met Gieje ries erin gegraveerd. Zelfs Tine begrijpt dan dat Viegeltje alleen te redden is door haar los te laten: Viegeltjes kon je niet houden, behalve in je gedachten.   

Iep! is een sprankelend verhaal met veel humor dat in 1997 vierdubbel bekroond werd. Het doet een beetje denken aan het sprookje van De Chinese nachtegaal: wie schoonheid en vrijheid wil temmen, verliest haar juist.

 

Nu is er ook de film Iep! en hoewel films naar een boek vaak tegenvallen, is dit ook al iets prachtigs. Wel anders dan het boek, vooral aan het slot, maar toch helemaal Iep! met veel typische Joke-van-Leeuwengrapjes erin: maf en lief tegelijk. Leuk om met het hele gezin (vanaf 4 jaar) naartoe te gaan!  

Joke van Leeuwen: Iep! ISBN 978-90-45110424, Querido, € 13,50. Het boek is geschikt voor mensen vanaf 9 jaar, maar de film al voor mensen vanaf 4 jaar.

----------------------------------------------

Februari 2010

Aisja


Image Aisja heeft een dagenlange reis achter de rug. In haar eentje is ze naar het paleis van de sultan gelopen om hem iets te vragen. Maar de sultan heeft geen tijd voor kleine meisjes als Aisja.
Als er een man uit een zijdeur komt, zegt ze hem dat ze de sultan wil spreken. De man geeft haar weinig kans. Dan vertelt ze dat de mensen haar ook al voorspeld hadden dat de sultan nooit naar haar zou luisteren. In geen honderd jaar. Hij is alleen op macht en rijkdom uit. Hij laat zijn mensen honger lijden terwijl hij zijn pauwen vetmest.
De man luistert naar Aisja en biedt aan haar boodschap aan de sultan over te brengen. Dan vertelt ze over haar familie, een verhaal van oorlog en armoe, en dat ze de sultan wil vragen haar doofstomme broer in dienst te nemen.
De man schuift een ring van zijn vinger en geeft die aan Aisja: haar broer moet die ring meenemen als hij naar het paleis komt. Ik denk niet dat de sultan hem zal wegsturen.
Als de man het paleis weer in gaat, wil hij drie dagen niemand zien of spreken en niets eten of drinken. Hij bidt, denkt na over het meisje en over de spiegel die Allah hem voorgehouden heeft.

Misschien begrijp je intussen wie die man was: de sultan zelf! Wat denk je, zou hij veranderd zijn door zijn gesprek met het meisje? Zou hij nog steeds alleen op macht en rijkdom uit zijn? Dat kun je lezen in dit boek vol prachtige prenten waaraan je kunt zien dat Aisja in een Arabisch land woont.  
     
Pieter van Oudheusden & Stefanie de Graef: Aisja, ISBN 978-90-58385710, De Eenhoorn, € 14,95, AVI 5, vanaf 6 jaar.

-----------------------------------------------------------------------------------------

januari 2010

Zazoe is verliefd

ImageZazoe is een jongen uit een warm oosters land, dat zie je al aan de omslag van het boek. Als Zazoe bij zijn vader achterop een ezel naar de markt gaat, ziet hij een mooi meisje. Hij wordt op slag verliefd op haar en wil haar als cadeau de tien mooiste watermeloenen van hun oogst geven. Hij legt ze in een mand op zijn tulband en gaat op weg.

De weg is lang en de zon brandt. Zazoe ruilt vier meloenen voor een koe. Nu kan hij rijden. Als de koe doodmoe in elkaar zakt, ruilt hij vier meloenen voor een kameel, waar hij de koe en zichzelf op hijst. Maar ook de kameel zakt uitgeput in elkaar. Zazoe ruilt één meloen voor een olifant en daar hijst hij de koe, de kameel en zichzelf op. Maar die vracht is te zwaar voor de olifant. Tenslotte neemt Zazoe zelf alle drie de dieren op zijn nek! Als hij bij het huis van het meisje aankomt, is hij zó uitgeput en dorstig dat hij zijn laatste meloen helemaal opeet. Nu zit hij met lege handen voor de deur van het meisje. Maar Zazoe is vindingrijk en handig en dus komt het toch nog goed!

Het verhaal over Zazoe lijkt op een beroemd Arabisch volksverhaal waarin een man tenslotte drie lastdieren op zijn nek neemt omdat hij vindt dat het nu hún beurt is om gedragen te worden. Beide verhalen gaan over iemand die evenveel respect voor dieren heeft als voor mensen.

De prenten van het boek brengen je meteen in een oosterse sfeer van vroeger. Warme kleuren, lammetjes, apen en een slangenbezweerder in een stad vol krullerige hekken, peervormige torentjes en minaretten. Nergens een auto, fiets of reclame te bekennen. En toch geen valse romantiek maar vriendelijke humor. Een prachtig verhaal over liefde, doorzettingsvermogen en slimheid. Én over de waarde van een zelfgemaakt cadeau!

Quentin Gréban: Zazoe is verliefd, ISBN 978-90-8543-113-8, Columbus, € 11,50, vanaf 5 jaar.


december 2009

Helden!
Mensen die de wereld mooier maakten

ImageWanneer ben je een held? Als je scoort met voetballen? Als je het Junior Songfestival wint? Of misschien als je een poes uit de gracht redt? Als je het opneemt voor een kind in je klas dat gepest wordt? De twee laatste voorbeelden gaan een beetje in de richting van de twaalf hoofdpersonen uit Helden! Mensen die de wereld mooier maakten: zij maakten de wereld socialer, eerlijker, vriendelijker, minder oorlogszuchtig.   

Er zijn bekende mensen bij, zoals Mahatma Ghandi, Nelson Mandela, Anne Frank en Barack Obama. Maar ook mensen die je misschien (nog) niet kent, zoals Anna Maria van Schurman, die 400 jaar geleden leefde. In haar tijd mochten meisjes niet doorleren. Maar Anna Maria was superslim en schreef in een artikel dat ze het daar niet mee eens was. De knapste koppen van die tijd moesten toegeven dat ze steengoede argumenten had. Zo werd zij het allereerste meisje dat aan een universiteit mocht studeren, al moest ze achter een gordijntje zitten omdat de jongens haar niet mochten zien! En ken je Aletta Jacobs, die er 90 jaar geleden voor zorgde dat niet alleen mannen maar ook vrouwen mochten stemmen bij verkiezingen?

Elk hoofdstuk begint met het levensverhaal van zo iemand en dan zie je dat ze als kind vaak al onrecht tegenkwamen en zich daar kwaad over maakten. In hun latere leven zijn ze dat onrecht dan gaan bestrijden. Daar werden ze beroemd om, vaak tegen wil en dank, want ze hoefden niet zo nodig ‘held’ worden. Ze waren of zijn alleen heel inspirerend! Soms sprongen de tranen me in de ogen bij het lezen van die levensverhalen, zoals bij dat over Martin Luther King en Barack Obama.

Het mooie van het boek is dat het na zo’n levensverhaal steeds over kinderen gaat die die held ontmoeten en dan zó onder de indruk raken dat ze mee willen helpen. Nog mooier is dat je ook hier en nu kunt meehelpen, want er is nog steeds ontzettend veel onrecht. Het maakt niet uit hoe oud of jong je bent: iedereen kan iets doen en samen sta je sterk! Het lied op de nieuwe cd van de Dominicus Smeltwater zegt het zo: Hoe klein of hoe groot je ook bent, het is de geest die samenstemt.     

Janny van der Molen: Helden! – mensen die de wereld mooier maakten, Ploegsma, ISBN 90-21667676, 400 p, € 29,95 (gebonden), € 19,95 (paperback), € 16,95 (luisterboek), 9+.

Ook beide vorige boeken van Janny van der Molen zijn heel boeiend: Over engelen, goden en helden (Vlag & Wimpel 2008) en Het licht schijnt overal: Lieke’s Kinderboekentip van de Maand december 2008 en december 2007.


november 2009

Wat denk jij?

Antwoorden op vragen waarop grote mensen geen antwoord weten

ImageWat denk jij: Moet je altijd gehoorzamen? Moet je alles kunnen zeggen? Wat is vrijheid eigenlijk? Denk je altijd wat je zelf wil? Waarom moet er iemand de baas zijn? Waarom bestaat de mens? Waarom gelooft de ene mens wel in God en de andere niet? Waarom doe je soms domme dingen? Is mooi zijn belangrijk? Wat is de zin van het leven als we toch doodgaan?

Ongelooflijk, wat een vragen! In het boek Wat denk jij? staan er nog veel meer. En elke vraag roept weer andere vragen op. Er staan ook antwoorden bij. Niet één antwoord, maar verschillende. Vaak zijn de antwoorden ook tegenstrijdig, want mensen kunnen daar heel verschillend over denken.

Neem de vraag: Waarom geloven sommige mensen in God? Daarbij staan verschillende antwoorden van grote mensen. Maar er staan ook antwoorden van kinderen bij: Hanna van 10 zegt: Als mij iets overkomt, zal God me misschien helpen…
Lisa van 9 zegt: Als God zou bestaan, zou er in de wereld niet zoveel lijden, ziekte en andere narigheid zijn. Senne van 11 zegt: Als ik bid, is het net alsof ik met God praat. En Camille van 11 zegt: Niet God, maar je mama heeft je geschapen!

Al die kinderen hebben een eigen mening. Misschien verandert die mening nog wel eens door met anderen te praten. Want praten met anderen helpt je om beter te denken. ‘Het fijne van dit boek is dat het níet voorschrijft wát je moet denken, maar hoe je beter kunt gaan denken door verschillende meningen met elkaar te vergelijken. Het is dus geen leesboek, maar een kijk-, lees-, praat- en denkboek. Een boek om steeds te raadplegen als je ergens mee zit. Gelukkig valt er ook veel te lachen, want bij elke vraag staan grappige voorbeelden en cartoons.

Gwenaëlle Boulet & Anne-Sophie Chilard, illustraties Pascal Lemaïtre: Wat denk jij?, Manteau/Van Goor, ISBN 90-47510369, € 18,95, 8+.


oktober 2009

Duivendrop


ImageAlexander is lid van een duivenvereniging. Hij heeft ook een eigen duif, Blanche. Saai, denk je misschien. Maar wat hij door Blanche meemaakt, is helemaal niet saai!
Op een dag komt Blanche niet terug. Als Alexander haar gaat zoeken, ontdekt hij dat ze over de hoge muur van een voormalige kazerne gevlogen is, naar een jongen daarachter die haar voert. De jongen mag niet praten met ‘iemand van de andere kant’. Daardoor wordt Alexander juist heel nieuwsgierig. Ondanks het verbod krijgen de jongens via de duif contact met elkaar. Eerst door propjes papier met berichten over de muur te schieten, later bedenken ze steeds slimmere dingen. 

De jongen heet Jubes en de muur staat om de strenge geloofsgemeenschap waarin hij woont. Ze hebben er geen radio, televisie, krant en computer. Ze verbouwen hun eigen voedsel binnen de muren en hebben een eigen dropfabriekje. Er zijn wel wat boeken, maar veel woorden daarin worden doorgestreept om ‘de leugens eruit te halen’, zoals Jubes dat noemt. Jubes krijgt les van mensen uit de eigen gemeenschap en mag niet buiten de muren komen, want de buitenwereld is ‘slecht’.

Toch wil Jubes dolgraag weten hoe die wereld buiten de muren eruit ziet. Hij heeft een Museum van Overgewaaide Spullen: een doos vol chipszakjes, snoeppapiertjes, blikjes, bierdopjes, plastic flesjes, stukjes krant en reclamefolder…

En dan worden de jongens gesnapt door de bewaker van de geloofsgemeenschap. Zou Jubes nu nog kunnen ontsnappen, met hulp van Alexander? Het loopt vrij goed af, maar hoe, dat verklap ik niet. 
    
Dirk Weber kreeg een Zilveren Griffel voor Duivendrop. En dat is dik verdiend, want het is een prachtig geschreven boek over vrijheid en onvrijheid, goed en kwaad. Het heeft een lange aanloop, maar dan wordt het ook heel spannend.

Dirk Weber: Duivendrop, Querido, ISBN 90-45105826, € 12,95, 10+.

------------------------------------------------------------------------

zomer 2009

Voel je wat ik voel?
de 150 mooiste gedichten over gevoelens

Image

En ze voelt zich wat verloren
en ze zou wel willen horen
bij de rest, maar ja
ze zou niet weten hoe.

Ken je dit gevoel? Het komt uit het gedicht Verlegen van Karel Eykman en het staat in een prachtig nieuw boek vol gedichten over gevoelens: Voel je wat ik voel?

Dit staat er bijvoorbeeld ook in, uit Een slechte bui van Nannie Kuiper:

Soms als ik opsta, kan ik niet blij zijn.
Soms als ik opsta, ben ik al boos.
Zelfs als de anderen aardig voor mij zijn,
Blijft dat gevoel nog een hele poos.

Het boek is ingedeeld in twaalf thema’s, elk met een dichtregel als titel, zoals Je gezicht is je eigen weerbericht (over gevoelens die er zomaar zijn, goede en slechte buien), Ik ben het warmste nestje waard (over geborgenheid), Ik leef zo klein op school (over school), Help! Wat kan ik blozen (over verliefdheid) en Wees maar niet bang voor de wind (over de natuur).

Bij veel gedichten denk je verrast: ja, zó voelt het, maar zo mooi zou ik het zelf niet kunnen zeggen! De woorden van het gedicht maken je blij. Of je krijgt het gevoel dat je niet de enige bent die iets meemaakt.
Een gedicht kan ook troosten, zoals het gedicht van Willem Wilmink over gescheiden ouders waarbij het kind denkt dat het misschien zijn schuld is omdat hij niet lief genoeg was:

Tot mijn twee ouders een keer zeiden:
Nooit heeft een kind de schuld gehad
als grote mensen scheiden.

Voel je wat ik voel is een boek om steeds opnieuw in te bladeren, om in weg te dromen, over na te denken en over te praten. Ook als je geen grote lezer bent, vind je er altijd wel iets in dat je aanspreekt, dat past bij wat je zelf op een bepaald moment ook voelt maar misschien niet zo precies onder woorden kunt brengen.

Jan van Coillie: Voel je wat ik voel? – de 150 mooiste gedichten over gevoelens, Davidsfonds/Infodok, ISBN 90-59082960, € 19,95, 8+.

--------------------------------------------------------------------

mei 2009 

Bang Mannetje en het kamishibai vertelkastje


ImageEen tijdje geleden is Bang Mannetje voorgelezen in de kindernevendienst van De Dominicus. De kinderen die erbij waren, hebben na het voorlezen gepraat over waar je bang voor bent en wat je kunt doen om minder bang te worden. 

Bang Mannetje zou ook graag wat minder bang willen zijn. Hij belt de toverboom voor een afspraak. Maar de toverboom staat midden in het wilde woeste woud vol wilde woeste wezens. Op weg naar zijn afspraak komt Bang Mannetje al die griezels tegen, maar omdat de toverboom heeft gezegd dat die niets doen, is hij er niet bang voor. Als hij bij de toverboom komt, zegt de boom dat de wens van Bang Mannetje al in vervulling is gegaan en dat hij nu een Best Wel Dapper Mannetje is.

Het grappige is dat Bang Mannetje denkt dat de toverboom hem dapper heeft gemaakt, maar als jij dit boek gelezen hebt, of als iemand het je voorgelezen heeft, dan begrijp je dat hij het helemaal zelf heeft gedaan!

De spannende schilderingen van dit boek zijn extra mooi als je ze ziet in het kamishibai vertelkastje. Dat is een spannend houten kastje. Als je de deurtjes openklapt, is het opeens een prachtig theatertje! Daar kun je vertelplaten in schuiven. Dat zijn de prenten van zo’n prentenboek zonder de tekst. Die tekst staat namelijk achterop de prenten, dus wie achter het kastje staat, kan het voorlezen. Van Bang Mannetje is ook zo’n set vertelplaten gemaakt.

Kamishibai is een Japans woord dat ‘papieren theater’ betekent. Natuurlijk kun je voor het vertelkastje ook zelf een verhaal schrijven en tekenen. Kijk maar op Youtube bij Kamishibai – Garrison: daar zie je kinderen hun eigen voorstelling geven.
 
Voor je eigen kamishibai-voorstelling teken je op vellen stevig tekenpapier van A3-formaat. Een verhaal voor peuters op 8 vellen; grotere kinderen kunnen een langer verhaal aan: 12 tot 16 vellen. Teken of schilder flink groot, dan kan je publiek het goed zien. Schuif de vellen in de goede volgorde in het kastje. De tekst die bij prent 1 hoort, plak je – in grote letters - achterop de titelprent. De tekst bij prent 2 achterop prent 1, enzovoort. Als je je prenten plastificeert, gaan ze langer mee. Fijne voorstelling gewenst!
 
Mathilde Stein & Mies van Hout: Bang Mannetje, Lemniscaat, ISBN 90-56377159, € 12,95, 4+. Set vertelplaten: € 24,95.
Kamishibai vertelkastje: € 49,95 via
info@kleinekapitein.nl en in de kinderboekwinkel.

------------------------------------------------------------------------------------------

april 2009

Al zijn eendjes

Image Wat wil een hongerige vos die een eend ziet? Opeten natuurlijk! Dat probeert vos Lodewijk in Al zijn eendjes dan ook. De eend ontsnapt, maar het ei waarop ze zat te broeden blijft achter. Lodewijk neemt het ei mee naar huis om er roerei van te maken. Maar het ei komt uit en het eendenkuiken zegt: Mama! Waarop Lodewijk zegt: Nee, papa! Eigenlijk had hij willen zeggen: Ik eet je op! maar het eendenkuiken is zo lief dat hij dat niet over zijn hart kan verkrijgen.

Lodewijk noemt het kuikentje Oscar en gaat steeds meer voor vader spelen, hoe hard zijn maag ook knort. Als Oscar groot wordt en een vriendinnetje krijgt, hoopt Lodewijk dat ze ruzie krijgen, want dan vindt Oscar het vast niet erg als hij haar opeet. Maar ze krijgen geen ruzie. Ze krijgen vijf eieren en die komen allemaal uit…

Lodewijk droomt van gebraden eend, maar stelt het opeten nog even uit, tot de kuikens groot zijn: dan hoef ik nooit meer honger te lijden. Lodewijk blijft maar uitstellen en tenslotte heeft hij een groot eendenvolk…

Al zijn eendjes is een schitterend prentenboek over tweestrijd tussen honger en liefde. Voortdurend voel je de dreiging dat Lodewijk de eendjes zal opeten, maar tegelijk voel je ook met hem mee. Als Lodewijk tenslotte letterlijk onder de eendjes verdwijnt en sterft als een gelukkige eenden-aartsvader, is hij onsterfelijk aardig geworden!   

Het boek zet je aan het denken. Hoe moeilijk is het voor de vos om zich in te houden? Is de vos zielig omdat hij steeds zo’n honger heeft? Wat zou jij doen als jij die vos was? Het is dan toch je natuur om kippen en eenden te eten? Waarom zou je tegen je natuur ingaan? 

Christian Duda & Julie Friese: Al zijn eendjes, Gottmer, ISBN 978-90-25745158, € 13,95, 5+.

----------------------------------------------------------------------------------

februari/maart 2009

 Als je dit leest, ben ik dood


ImageSam, elf jaar, heeft leukemie. Hij weet dat hij binnenkort doodgaat en begint een boek te schrijven over zichzelf. Je denkt vast: dat zal wel een droevig boek zijn. Maar dat valt mee. Sam schrijft grappig, met een droge humor die soms galgenhumor is. Hij ligt niet meer in het ziekenhuis. Hij is thuis en krijgt daar les, samen met Felix van dertien die ook terminaal is. Samen halen ze streken uit en hebben ze veel plezier.

Als Felix sterft, is Sam bij hem. De afscheidsdienst in de kerk vinden Sam en zijn zusje Ella vreselijk. Felix geloofde helemaal niet in God! roept Ella door de kerk, tot wanhoop van hun moeder. Sam en Ella maken hun eigen afscheid: ze gaan tussen de kerkbanken op de grond zitten en noemen alles op wat er leuk was aan Felix. 

Sam maakt allerlei lijstjes in zijn boek. Bijvoorbeeld over de dingen die hij nog wil doen, zoals Een beroemd wetenschapper worden, Alle horrorfilms kijken die ik niet mag zien, Tienerdingen doen, zoals drinken en roken en een vriendin hebben, en Vliegen in een zeppelin. Sam weet veel over zeppelins en maakt dus ook een lijst met fantastische feiten over zeppelins. Mooi is dat hij veel dingen van zijn lijstje doe-dingen ook werkelijk nog doet, zoals vliegen in een zeppelin, al is het onverstandig in zijn toestand. Zijn ouders houden hun hart vast, maar het geeft Sam het gevoel te léven! 
    
Ook maakt hij een lijst met manieren om voor altijd te leven, zoals Je lichaam laten invriezen. Als ze dan over een paar honderd jaar een geneesmiddel tegen leukemie en het geheim van het eeuwige leven hebben ontdekt, ontdooien ze je weer.

In zijn boek wil hij het antwoord vinden op alle vragen waar niemand antwoord op geeft, zoals Hoe weet je dat je dood bent? Waarom maakt God kinderen ziek? Doet het pijn als je doodgaat? en Waar ga je na de dood naartoe? Zijn onderwijzeres van wie hij thuis les krijgt, helpt hem antwoorden te vinden, onder meer via internet. Zo gaat hij zonder angst de dood tegemoet.

Als je dit leest, ben ik dood is een heftig, indringend boek. De schrijfster, pas 23 jaar, heeft het heel knap geschreven: realistisch en ontroerend, maar niet zielig of sentimenteel. Soms moet je zelfs lachen. Het zet je aan het denken over de dingen in het leven waar het echt om gaat. Grote kans dat het lezen van dit boek iets in je verandert, namelijk dat je doodgaan minder eng gaat vinden.       

Sally Nicholls: Als je dit leest, ben ik dood, De Fontein, ISBN 9789026123603, € 14,95. Vanaf 11 jaar, ook voor volwassenen.

---------------------------------------------------------------------------------------------

Januari 2009

De zussen krijgen bezoek

Twee zussen leiden een tevreden rustig leventje op een eiland. Op een dag komt neef Hans op bezoek. De zussen ontvangen hem hartelijk. Neef Hans is hulpvaardig: hij repareert de kraan, hij maakt de lamp in de hal en hij doet nog meer klusjes.
Dan geeft hij ongevraagd het hele huis een andere kleur: ‘Dat ziet er toch een stuk beter uit dan eerst! Heel modern. En ik doe het graag voor jullie, hoor!’
 

ImageMaar nu kijken de zussen niet meer zo blij.Hans gaat stug door: de zussen mogen geen pannenkoeken meer eten, alleen müsli. De hond, de kat en de vogel mogen niet meer naar binnen, want die hebben volgens Hans bacteriën. De zussen moeten elke ochtend gymnastiek doen om af te vallen. Hans noemt al hun dierbare spulletjes ‘troep’ en brengt die naar de zolder. Zelfs de gezellig rommelige tuin verandert door Hans in een kale vlakte met kaarsrechte paden waar huisdieren verboden zijn.

De zussen worden er ziek van. Hoe kunnen ze Hans stoppen?
Tenslotte pakt Hans boos zijn koffers. Hij vindt de zussen ondankbaar. ‘Jullie hebben niet één keer dankjewel gezegd! Bij mensen zoals jullie kun je nooit goed doen!’ 
Hij is nog niet vertrokken of de zussen halen opgelucht al hun spulletjes terug van de zolder. De dieren mogen weer binnen wonen en de zussen zijn op slag weer beter!

De grappige prenten in dit boek vertellen nog meer dan de woorden. Je ziet de hond en de kat buiten in de regen zitten kleumen onder een krant. Aan de gezichten van de zussen zie je precies wat ze van de ‘hulp’ van Hans vinden. En tenslotte zie je de hond en de kat dansen van plezier terwijl ze Hans uitzwaaien.

De zussen krijgen bezoek zet je aan het denken. Over wat helpen eigenlijk is. Over mensen iets opdringen waar ze niet om hebben gevraagd, ook al is het goed bedoeld. Over leven en laten leven. Over gelukkig zijn op je eigen manier. Over een ander in zijn waarde laten. Een prachtig, humoristisch prentenboek met een mooie  boodschap.  

Sonja Bougaeva: De zussen krijgen bezoek, Milamant, ISBN 90 808922-2-X, € 13,50. Vanaf 5 jaar, ook voor volwassenen.

--------------------------------------------------------------------------

-----------------------------------------------------------------------

Lieke's kinderboekentip van November 2008

Ik voel een voet!

ImagePikdonkere nacht. Geen maan en sterren te zien. Vijf dieren liggen in een hangmat te slapen. Opeens klinkt er een geluid. De dieren schrikken wakker en tuimelen uit de hangmat. Ze gaan op onderzoek uit. Eerst Schildpad. Hij voelt een voet net als zijn eigen voet maar dan reuzengroot. Dus denkt hij dat het een supergrote schildpad is. Vleermuis voelt een enorme vleugel en denkt dus dat het een heel grote vleermuis is. Octopus voelt een tentakel zoals zijn eigen tentakels, maar dan ontzettend groot. En dus denkt hij dat het een reuzenoctopus is. Ook de twee andere dieren voelen iets dat op henzelf lijkt en denken dus dat het geheimzinnige wezen een supergrote versie van henzelf is. Tja, wat zou dat nu kunnen zijn?

De bladzijden van dit mooie prentenboek zijn zwart als de nacht, maar de dieren hebben zulke schitterend veelkleurige patronen dat ze wel uit het zwart lijken te springen. Je gaat met de dieren mee op zoek naar het raadsel en geniet tegelijk van hun exotische kleurenpracht. 

Ik voel een voet! lijkt een prentenboek voor kleuters. Maar het zet grotere kinderen en volwassenen ook aan het denken. Want wat zou jij doen, als je iets vreemds ervaart dat enorm groot is? Dat je niet kunt zien, alleen een beetje voelen? Je probeert woorden te vinden voor waar het op lijkt…

Het verhaal lijkt op een verhaal dat Boeddha 2500 jaar geleden verteld heeft. Net als Jezus vertelde Boeddha zijn verhalen om de mensen iets te leren. Zo’n verhaal had een diepere betekenis. Dit prentenboekverhaal dus ook. Wat denk jij dat het betekent?
        
Marancke Rinck & Martijn van der Linden: Ik voel een voet!  ISBN 978-90-47700265, Lemniscaat, € 13,95, 4+.

-------------------------------------------------------------------------------------------

Lieke's kinderboekentip van oktober 2008

Op weg naar huis


ImageJe zult maar tien jaar zijn en na je vader ook je moeder aan de ziekte aids verliezen! Dat overkomt Sam uit het Afrikaanse land Malawi. Sam had het voor een Afrikaanse jongen behoorlijk goed: hij woonde in de hoofdstad Blantyre, ging naar school, had mooie kleren en een computer. En van zijn moeder, zijn amai, had hij hippe blauwe sneakers met flitsende lichtjes gekregen, ‘voor speciale gelegenheden’.


Het boek begint als Sam aan het graf van zijn moeder zit - met zijn sneakers aan. Na de begrafenis beslist zijn familie over zijn toekomst. Hij moet naar familie in het geboortedorp van zijn moeder op het platteland. Hij reist erheen in een stampvolle bus met zijn lieve tante Mercy, een zus van zijn moeder. 
Sam moet erg wennen. Het dorp is erg primitief en het huis van tante Mercy is een lemen hut van één kamer. Er is geen elektriciteit en hij moet op de grond op een matje slapen in plaats van in een bed in zijn eigen slaapkamer. Hij moet leren delen met zijn neefjes en nichtjes. Hij moet net als de anderen klusjes doen: brandhout verzamelen, het erf schoonvegen, boodschappen doen. Er is allerlei bijgeloof. Sam vindt het moeilijk om zich aan te passen en hij mist zijn amai. En als op een dag zijn mooie blauwe sneakers verdwenen zijn, vertrouwt hij niemand meer.

Het rouwproces dat Sam doormaakt wordt heel precies en gevoelig beschreven. Uiteindelijk merkt Sam dat stadse luxe het aflegt tegen de vriendschap en saamhorigheid in het dorp, en dat tante Mercy echt om hem geeft.
De tegenstellingen tussen stad en platteland, rijk en arm worden genuanceerd weergegeven. Je kunt je zo goed in Sam inleven dat Afrika opeens niet meer zo ver en zo vreemd lijkt. Geen wonder dat dit boek, naast een Zilveren Griffel, ook de IBBY-prijs 2008 gekregen heeft: de tweejaarlijkse prijs voor een jeugdboek dat het begrip voor niet-westerse culturen bevordert.
 
Jan Michael: Op weg naar huis  ISBN 978-90-5637-938-4, Lemniscaat, € 13,95, 10+.

-------------------------------------------------------------------------------------

Lieke's kinderboekentip van augustus/september 2008

Vogeltjelief

ImageVogeltjelief is niet alleen een lief boek over vogeltjes. Het is veel meer. Het gaat over sterven, maar is niet somber. Het gaat over verdriet, maar is niet verdrietig.

Merel gaat elke week naar opa en oma met een zak oud brood voor de vogels. Want opa en oma zijn dol op vogels. Ze hebben er honderden in hun tuin. Opa bestudeert ze en oma kan net zo mooi fluiten als de vogels. Opa vindt dat oma zelf wel een vogel lijkt en noemt haar ‘Vogeltjelief’.
Dan wordt oma ziek en sterft. Vlak voor haar dood zegt oma nog: Niet verdrietig zijn. Als je naar de vogels kijkt, ben ik er. Maar opa is ontroostbaar. De lekkere hapjes die Merel voor hem klaarmaakt, laat hij staan. De ontelbare vogels die buiten op hem wachten, ziet hij niet.
 
Tot er een klein vogeltje op de vensterbank neerstrijkt. Dan herinnert opa zich wat oma had gezegd. ‘Vogeltjelief is terug!’ roept hij blij. Hij rent naar buiten, naar de vogels. Ze doen hem nu allemaal aan zijn eigen ‘Vogeltjelief’ denken. Opa doet wel vreemde dingen, maar dat geeft niet, want hij kan weer blij zijn en samen met Merel de vogels voeren, zoals hij vroeger met oma deed. 

De platen zijn met een fijn pennetje getekend. Niet ‘echt’ maar wel zo dat je meteen zin krijgt om zelf ook te gaan tekenen. Zwierig, in vrolijke patroontjes en kleuren. Alleen op de bladzijden van sterven en verdriet zijn de kleuren bleek en lijkt alles stiller. Zelfs opa’s kleurige slip-over (zo’n ouderwetse opa-trui zonder mouwen) is dan grijs. Daarna komen de vogels in volle kleurenpracht terug en vrolijken ze opa op.

De vogels geven troost, Merel geeft troost en het hele prentenboek geeft troost. Je krijgt er een brok van in je keel, zo lief en mooi.

Kristien Aertssen: Vogeltjelief, ISBN 978-90-5838-438-6, De Eenhoorn, € 13,95, vanaf 3 jaar.

-----------------------------------------------------------------------------------------

Lieke's kinderboekentip van juli 2008

Binnenstebuiten – jongeren en religie

Dit keer een boek voor jongeren, óver jongeren die vertellen over hun geloof en wat dat voor hen betekent. Ze horen bij alle grote godsdiensten van de wereld, maar wonen in Nederland en spreken Nederlands. Het zijn gewone tieners, allemaal verschillend, maar in één ding hetzelfde: ze zijn trots op hun godsdienst en vertellen daar graag over.
Het boek valt vooral op door de vele foto’s, die over elkaar lijken te buitelen. Dat komt wat chaotisch over maar geeft wel een uniek inkijkje in het persoonlijk leven van de jongens en meisjes. En het laat zien hoe hun godsdienst daarin verweven is. Zo zie je in de kamer van de 17-jarige Avinash hindoegoden naast Ajax-spulletjes en sportmedailles aan de muur hangen.

Er is Chaja van 12 die bij de Joodse Gemeente uit Amstelveen hoort. De tweeling Gabriëlle en Thérèse van 16 uit Den Bosch, die katholiek zijn. Daniël van 12 die er trots op is dat hij bij de Russisch-orthodoxe kerk hoort. Eunice van 18 van de Ghanese kerk in de Bijlmer. Rachman van 16 van de Al-Hikmah-moskee in Den Haag. Sevim, 17 jaar, zonder hoofddoekje, van de Alevitische Cultuur Vereniging Rotterdam. Avinash van de Hindoeïstische Sewa Dhaam tempel in Dan Haag. Marissa van 13, van de Boeddhistische Buddharama-tempel in Waalwijk. En Ka-Yu van 15, van de Chinese He Hua-tempel in Amsterdam. En er zijn nog meer jongeren.   

Mensen denken soms dat jongeren niets met religie te maken willen hebben. Boek, tentoonstelling en site bewijzen het omgekeerde. Jongeren brengen hun geloof, dat van binnen zit, hier open en eerlijk naar buiten.

Het mooie van het boek is dat niet één geloof als het beste wordt gepresenteerd. Er spreekt respect uit voor elk geloof.

In het Bijbels Museum in Amsterdam kun je tot en met 2 november 2008 de tentoonstelling te zien die bij dit boek hoort. Op www.binnenstebuiten.nl kom je de jongeren uit het boek op filmpjes tegen. En je kunt er op forums mee discussiëren over stellingen als: ‘Ik heb het beste geloof’, ‘Mijn geloof bepaalt hoe ik leef’ en ‘Waarom ik wel/niet geloof’. 

Peter Dellenbag, Anton Feddema en Klaas de Jong: Binnenstebuiten – jongeren en religie, Gottmer, 21,95, 10+.

-----------------------------------------------------------

Lieke's kinderboekentip van juni 2008

Broertjes! & Zusjes!

Je denkt misschien dat het leuk is om een klein broertje te hebben. Meestal wel, maar soms…
Zo begint het prentenboek Broertjes! Grote broer is zes of zeven en kleine broer is twee of drie. Klein broertje is jaloers als grote broer bij mama op schoot zit. Klein broertje aapt grote broer na. Hij snapt niks van de spelregels van voetbal. Hij maakt het speelgoed van grote broer stuk en doet dan alsof die het zelf gedaan heeft. Grrr! Onuitstaanbaar! Tot klein broertje een keer uit logeren is. Dan mist grote broer hem. En als klein broertje slaapt is hij eigenlijk wel heel lief!

 Image Image

Het leuke van dit boek is dat de twee jongens chocoladebruin zijn maar dat ze met elkaar omgaan zoals broers en zusjes over de hele wereld dat doen, wat voor huidskleur ze ook hebben. Op een Amsterdams kinderdagverblijf riep de Turkse leidster: ‘Precies míjn twee jongens! Die doen net zo!’

Er is nog iets leuks aan Broertjes! Er staat ook een verhaal in over twee jonge hondjes die ongeveer net zo doen als de broertjes. Maar dat verhaal heeft geen woorden, dat mag je zelf vertellen.

Na Broertjes! verschijnt deze maand ook, op dezelfde manier, Zusjes!, dat vanuit het grote zusje verteld wordt. Grappig is dat je haar al kent uit Broertjes! Als je goed kijkt, herken je misschien nog iemand uit Zusjes!, want de pop van klein zusje is Arabella uit het prentenboek Prinses Arabella is jarig, over een bruin prinsesje.

De uitgeefster van Broertjes! en Zusjes!, Liza Milton, komt vaak in de Dominicus. Haar kinderen zijn ook in de Dominicus gedoopt. Ze vond dat er maar weinig prentenboeken waren waarin haar kinderen – die net als zijzelf een bruine huidskleur hebben – zich kunnen herkennen. Toen dacht ze: Dan ga ik zelf wel prentenboeken uitgeven met donkere kinderen erin. Zo gezegd, zo gedaan. In het schuurtje in haar achtertuin begon ze een nieuwe uitgeverij: Maopé Books. En daar komen nu prachtige prentenboeken vandaan, met kinderen in alle kleuren van de wereld!  

Mylo Freeman: Broertjes! en Zusjes!  ISBN 978-90-893-4001-6, Maopé Books, € 13,95, vanaf 3 jaar.

-----------------------------------------------------------

Lieke's kinderboekentip van mei 2008

Als ik de wereld kon maken

Als mensen aan jou vragen Wat wil je later worden?, wat zeg je dan? De jongen uit het prentenboek Als ik de wereld kon maken weet het wel: hij zou de golven van de zee hoger willen maken, zieke mensen milkshakes geven zodat ze beter worden, superbroden bakken voor mensen die honger lijden, hij zou boeven vangen, verdriet laten verdwijnen, hij zou oorlogen stoppen, bosbranden blussen, vulkanen doven…

ImageDus als mensen hem vragen wat hij later worden wil, zou hij eigenlijk het liefst God willen worden… Maar, bedenkt hij tenslotte, misschien is het wel handig als ik eerst leer lezen

De platen in dit maxi-prentenboek zijn heel indrukwekkend. Alsof de schilder in een paar machtige, rake verfstreken het visioen van vrede heeft willen schilderen dat de jongen voor zich ziet, en tegelijkertijd ook de strijd die hij moet voeren om dat visoen waar te kunnen maken. Als de jongen de golven hoger maakt, doet hij dat als een dirigent die een orkest van woeste brandinggolven dirigeert. De superbroden zijn wel heel erg super. En de bosbranden zijn hevig rood en zwart, terwijl de jongen er onverschrokken dwars doorheen vliegt. Zo geweldig droomt hij zichzelf.

Gelukkig is de jongen aan het eind weer een gewoon mensenkind geworden, temidden van zijn boeken. Maar waar is zijn visioen dan gebleven? En waarom zou het boek dat hij dan leest, eindigen met een vraagteken? 

Susie Morgenstern & Jiang Hong Chen: Als ik de wereld kon maken, ISBN 978-90-56379414, Lemniscaat, € 14,95, vanaf 5 jaar.

-----------------------------------------------------------------------

Lieke's kinderboekentip van april 2008  

Met open ogen

Heel soms ontdek je een boek dat je zó mooi vindt dat je er geen woorden voor hebt. Je legt het onder je kussen, je draagt het steeds bij je, je leest eruit voor. En je verbaast je over de plaatjes, want die zijn zó eenvoudig en tegelijk veelzeggend, zó origineel bedacht en knap gemaakt!

Dat heb ik nu bij Met open ogen van Karel Eykman. Hoe die man gedichten kan maken van bijbelteksten! Alsof de bijbel geen boek is van duizenden jaren oud, maar van nu. Alsof het over jouw eigen leven gaat in plaats van over mensen uit oeroude tijden. Eigenlijk zou ik hier het ene na het andere gedicht willen overschrijven om je ook enthousiast te maken. Maar welke dan in vredesnaam! Ze zijn allemaal zo goed, vooral als je ze hardop leest. Hier dan een voorbeeld uit Spreuken 1. Karel Eykman maakt daar een scheldwoordenrap van: 

Klokkenhoofd! Apenkaas! Slijmnek! Bananenrug!
Brokkensloof! Gatenbaas! Zeilbek! Bavianenmug!
Palingoog! Kamelenkip! Tijgerbil en zuurscheet!
Spatoloog! Juwelentip! Reigerpil en buurneet!

Heb jij hier zo vlug nog van terug?
Lijkt me stug, kom maar over de brug.
Ik zou maar beginnen met effe dimmen
je zal ’t niet winnen, slome slimme.
Of zullen we weer vriendjes worden? Komt in orde.
Dan leer ik je de woorden die je daarnet van me hoorde.

Dit is maar één stukje uit één gedicht. En er staan er honderd in dit boek! Ook hele lieve, hoor. Die zijn – echt waar - ook uit de bijbel. Zoals Jij naast me in het gras en Zonder liefde ben je nergens. En zoals Zoete zoen, dat zo eindigt: Nou weet ik het weer / jij smaakt naar meer. Dit schitterende boek smaakt ook naar meer!

Karel Eykman: Met open ogen, 100 bijbelse gedichten, illustraties Ceseli Josephus Jitta, ISBN 978-90-261-0139-7, De Fontein / NZV Uitgevers,
€ 19,95, 10 -100 jaar

---------------------------------------------------------------------------

Lieke's Kinderboekentip van maart 2008

Engel

Of je nu wel of niet in engelen gelooft, je kunt altijd een engel verzinnen. Dat hebben de makers van het prentenboek Engel ook gedaan. Ze bedachten een lief engeltje dat met zijn vleugels in een boom verstrikt raakt. Een jongen, Sjors, haalt hem uit de boom en spalkt zijn gebroken vleugel.

ImageMaar het ergste vindt het engeltje dat het zijn boodschap is kwijtgeraakt.
Zijn boodschap? Ja, nadat het engeltje naast Sjors is gaan slapen, zien we die boodschap door het bos dwalen als een zacht stralend licht.
En overal waar dat licht komt, gebeuren er mooie dingen: de kat die achter de muis aan zit, wordt plotseling een vriendje van die muis. Iemand die van een brug af valt, wordt opgevangen door de vissen. Een boef wordt een behulpzame meneer. Totdat een kraai de boodschap oppikt en meeneemt naar zijn nest.

Het loopt goed af en Sjors krijgt een stukje van die mooie boodschap. Wat kan hij daar wel niet allemaal mee doen!

Er bestaan kinderen die denken dat prentenboeken kinderachtig zijn, alleen voor kleuters. Misschien was dat vroeger zo. Maar nu echt niet meer! In veel prentenboeken zit een boodschap voor mensen van alle leeftijden. Ook in dit prentenboek. Als je een beetje doordenkt, snap je het vanzelf. Voor je kleuterbroertje of –zusje is die engel echt. Voor jou verzonnen. Wat maakt het uit? De boodschap van die engel blijft hetzelfde.     

Ingrid & Dieter Schubert: Engel, ISBN 978-90-5637-989-6, Lemniscaat, E 13,50, vanaf 3 jaar.

-----------------------------------------------------

Lieke's kinderboekentip van februari 2008

Verkocht

Kun je je dit voorstellen? Je bent een kleuter van vier en je straatarme ouders verkopen je aan een louche figuur. Die man, Asnar, belooft je ouders veel geld als jij eenmaal kamelenjockey bent, ver weg overzee.
Dat overkomt Yakub uit Pakistan. Zijn ouders geloven de mooie praatjes van Asnar. Voor de douane doet Asnar alsof Yakub zijn zoon is die op zijn paspoort staat. Zo weet hij Yakub mee te smokkelen naar de kamelenraces in de Arabische woestijn. Onderweg komt het meisje Zareena erbij, met wie Yakub vriendschap sluit.

ImageOp de renbaan worden Yakub en Zareena samen met honderden andere kinderen, soms peuters van twee en drie, getraind om als jockey aan de levensgevaarlijke kamelenraces mee te doen. Hoe lichter de kinderen, hoe harder de kamelen kunnen rennen. Dus krijgen ze weinig te eten. De kinderen worden mishandeld, soms tot de dood erop volgt.
Yakub probeert een paar keer vergeefs te ontsnappen, waarvoor de wrede Asnar hem zwaar straft. Zelfs als Yakubs vader hem na jaren komt ophalen, weet Asnar dat te verhinderen: de jongen staat immers op zíjn paspoort en niet op dat van Yakubs vader. Gelukkig lukt het Yakub later toch om te vluchten.    

Dit soort dingen zijn echt gebeurd! Niet eens zo lang geleden. Schrijver Hans Hagen verzamelde jarenlang krantenberichten over ontvoerde kinderen uit arme landen in Zuid-Azië. Pas toen hij in 2001 de Nederlandse school in Dubai bezocht en buiten de stad de renbaan ontdekte, met honderden kinderen op de kamelen, snapte hij waar die ontvoerde kinderen terecht kwamen. Er kwam protest van Unicef. En ouders van kamelenjockeys klaagden de emir van Dubai aan. In 2005 werden deze kindslaafjes vervangen door… robots!

Ondanks alle wreedheden die Yakub en zijn vriendinnetje Zareena meemaken, lees je Verkocht in één ruk uit. Dat komt omdat Hans Hagen wel vertelt wat er met de kinderen gebeurt, maar niet op sensatie uit is. Erge dingen moet je soms maar raden.

Bovendien zijn de kinderen in dit boek een hoopvol tegenwicht tegen de wreedheid van de slavendrijvers en hun steenrijke bazen, de sjeiks van de Verenigde Arabische Emiraten. Bij elke vluchtpoging vlucht je met ingehouden adem mee. Verkocht is een vlammend protest tegen kinderslavernij in de 21-ste eeuw. Maar het is ook een spannend verhaal over hoe een kind deze slavernij overleeft. 

Hans Hagen: Verkocht, ISBN 978-90-451-0560-4, Querido, E 13,50, vanaf 10 jaar.
Verkocht kreeg de Woutertje Pieterse Prijs 2008.

----------------------------------------------------

Lieke's kinderboekentip van januari 2008

De gulle boom
     
Er was eens een boom… – bladzijde omslaan – en hij hield van een kleine jongen. – bladzijde omslaan -  Elke dag kwam de jongen langs – bladzijde omslaan – om de blaadjes te verzamelen die van de boom vielen – bladzijde omslaan – en van die blaadjes maakte hij een kroon en hij speelde dat hij de koning van het bos was.
   
Zolang die jongen klein is, speelt hij met de boom, hij klimt erin, eet zijn appels en rust uit in zijn schaduw. De jongen is gelukkig met de boom. En de boom is gelukkig met de jongen. Maar dan wordt de jongen ouder. De boom is dan vaak alleen. Later plukt de jongen alle appels uit de boom om ze te verkopen.

Nog later, de jongen is dan een man geworden, zaagt hij de takken van de boom af om er een huis van te bouwen. De boom is nog steeds gelukkig dat hij de jongen helpen kan. Als de jongen oud geworden is, komt hij nog eens terug en zaagt dan de hele boom af om er een boot van te bouwen. Van de boom blijft alleen een stronk over. De boom is niet gelukkig meer.

Nog één keer komt de jongen terug. Hij is dan stokoud geworden. En zelfs dán heeft de boom nog iets te geven…

Je snapt het al: dit verhaal is een doordenkertje. Het gaat niet alleen over het leven van die jongen en die boom. Het gaat ook over het leven van jou en mij. Over het leven van alle mensen. En over hoe mensen met de natuur omgaan.
Het is een verhaal vol wijsheid, dat kleuters al kunnen begrijpen, terwijl ook opa’s en oma’s het mooi zullen vinden. En zo liefdevol geschreven dat je soms denkt: was ik maar een boom en geen mens…
        
De gulle boom door Shel Silverstein, vertaald door Arthur Japin, uitgeverij Mozaïek, E 13,50. Vanaf 4 jaar. Ook voor volwassenen.

---------------------------------------------------------------------------------------

Lieke’s Kinderboekentip van de maand December 2007

Over engelen, goden en helden
Verhalen uit de grote wereldreligies
     
Je kent vast wel de verhalen over de ark van Noach, over koning David, over Jona in de walvis en over het kindje Jezus in de kribbe. Logisch, want dat zijn verhalen uit de christelijke godsdienst en in Nederland zijn de meeste mensen met een geloof christelijk.
Toch komen er steeds meer kinderen in Nederland met een andere godsdienst. Misschien heb je kinderen in je klas die islamitisch zijn, of hindoeïstisch, of joods of boeddhistisch. Zij geloven ook in God, maar op een andere manier. Ze hebben andere gewoontes en ander eten.

Ze hebben ook andere verhalen. En die staan in dit schitterende boek. Sommige zijn ruig en wreed. Andere wijs en liefdevol. Of sprookjesachtig en dromerig. Over de schatrijke prins Siddharta die een straatarme bedelmonnik wilde worden. Over de pratende baby Krishna die de heks Putana doodde. Over hoe Ganesha, de zoon van godin Parvati, het hoofd van een olifant kreeg. Over hoe het leven van Mohammed gered werd door twee duiven en een spin. Over hoe er een pad door de zee ontstond toen de Jisraëlieten met Mosjee wegvluchtten uit de slavernij.
      
Soms lijken verhalen uit de ene godsdienst op die uit een andere godsdienst. Zoals de verhalen over Boeddha en Jezus. En de verhalen over de onderkoning van Egypte die ervoor zorgde dat de mensen tijdens een hongersnood te eten kregen. Bij de christenen heet hij Jozef, in de islam Joesoef en bij de joden Joseef.
      
Het zijn allemaal spannende, wonderlijke verhalen, vaak over goed en kwaad. Als je ze leest is het alsof je iets meer gaat begrijpen van die andere godsdiensten. En misschien begrijp je dan ook wel iets meer van de kinderen die met die verhalen zijn opgegroeid.
   

Over engelen, goden en helden, verhalen uit de grote wereldreligies door Janny van der Molen, met tekeningen in kleur door Els van Egeraat, uitgeverij Ploegsma, E 24,95. Vanaf 9 jaar. Ook voor volwassenen.

December 2008

Het licht schijnt overal
Verhalen over Kerstmis


ImageDat we met Kerst de geboorte van Jezus vieren, weet je natuurlijk. Maar wist je dat er ook een verhaal is waarin Jezus onder een dadelboom is geboren? In dat verhaal heet Jezus Isa en Maria Marjam. Het staat in de Koran. En het staat nu ook in Het licht schijnt overal, een prachtig nieuw boek met verhalen over het ontstaan van het Kerstfeest.

Als je dit boek leest, begrijp je dat in het Kerstfeest gebruiken uit verschillende culturen samenkomen, want een lichtfeest in donkere dagen wordt in veel culturen gevierd. Uit een verhaal dat in het jaar 325 in Trier speelt, begrijp je waarom Kerst op 25 december gevierd wordt. Want er is geen enkel bewijs dat Jezus eind december geboren zou zijn. Dat had net zo goed februari of oktober kunnen zijn. Maar 25 december was de geboortedag van de Romeinse zonnegod Mithras…

Uit een verhaal over Franciscus van Assisi begrijp je dat de kerststal door hem is bedacht: hij vond dat mensen het kerstverhaal moesten kunnen meebeleven en maakte daarom een stal met echt levende dieren.  

Een verhaal uit de Noorse mythologie verklaart waarom mensen elkaar met Kerst onder een maretak een zoen geven. En waarom zetten we met Kerst eigenlijk een versierde boom in ons huis? En wat zou eigenlijk het verband zijn tussen Sinterklaas en Santa Claus, de kerstman? En waarom wordt met Kerst altijd het ballet ‘De Notenkraker en de Muizenkoning’ opgevoerd?

Het licht schijnt overal is een boek over Kerst waar je echt wat aan hebt. Niet oppervlakkig of sentimenteel, maar boeiend en leerzaam. Het gaat uit van het christelijke verhaal, maar met respect voor verhalen uit andere religies. 

De allereerste Kinderboekentip van de maand, december 2007, was Over engelen, goden en helden, verhalen uit de grote wereldreligies. Van dezelfde schrijfster: Janny van der Molen. Ze kreeg er een Vlag en Wimpel voor én een eervolle vermelding van de IBBY-prijs, de tweejaarlijkse prijs voor een kinderboek dat het wederzijds begrip tussen culturen bevordert.
Het licht schijnt overal is net zo informatief en vertellend op een frisse, aanstekelijke manier. Ideaal om met Kerst uit voor te lezen!      

Janny van der Molen: Het licht schijnt overal, illustraties Els van Egeraat, Ploegsma, ISBN 978 90 21666167, € 19,95, Vanaf 9 jaar, ook voor volwassenen.

P.S. Als jij een boek gelezen hebt, dat je zó goed vindt dat je denkt: dit moeten andere kinderen ook lezen, mail dan naar: liekevanduin@dds.nl. Ik neem dan contact met je op en dan maken we samen een Extra Kinderboekentip van …. (op de stippeltjes komt dan jouw naam en leeftijd). Dan komt jouw boekentip hier óók te staan! Lieke

Tonje en de geheime brief

Jezus - van mens tot mens 

Jezus als schooljongen die met een bloedneus en onder de blauwe plekken thuiskomt omdat hij het op het schoolplein heeft opgenomen voor een jochie dat gepest werd. Jezus die niet wil dat de mensen in hém geloven, maar in God. Jezus die verlegen wordt van zoveel dankbaarheid van mensen die weer hoop krijgen na een toespraak van hem. Jezus die het benauwd krijgt van al die mensen die tegen hem opkijken 'alsof ik godweetwat ben.' Jezus die tijdens het laatste avondmaal op zijn vrienden proost met: 'Wie zou ik zijn als ik jullie niet had?' En Jezus die, als hij gearresteerd is, tegen hogepriester Kajafas zegt: 'Ik heb mij nooit de zoon van God genoemd. Ik noem mij de zoon van mensen, niet meer en niet minder.'

ImageIn dit boek laat Karel Eykman een kant van Jezus zien die je vast nooit eerder zo is opgevallen: zijn menselijke kant. Het is een mooie kant: Jezus gaat voor eerlijkheid en vrede, hij vindt arme en zieke mensen meer de moeite waard dan rijke heren en machtige baasspelers, maar een watje is hij niet! Terwijl hij gewaarschuwd wordt om niet naar Jeruzalem te gaan omdat het daar veel te gevaarlijk voor hem is, gaat-ie tóch. Je moet maar durven!

Nu is Karel Eykman een schrijver met veel fantasie, maar wel fantasie die uit de  bijbel voortkomt, waardoor je als het ware wakker geschud wordt en denkt: hé, zo zou het best wel eens gegaan kunnen zijn. Zo verzon Eykman een farizeeër die vanaf het begin van het boek tégen Jezus is, maar hem langzaamaan steeds meer gaat respecteren: niet dat hij het met Jezus eens wordt, maar hij wil hem bestrijden met woorden en niet met geweld, zoals de farizeeën in Jeruzalem. Hij waarschuwt Jezus zelfs tegen zijn Jeruzalemse collega's... Dit staat wel niet in de bijbel, maar het is logischer dan dat álle farizeeën tegen Jezus geweest zouden zijn.

Fantasie op deze manier helpt je denken. Soms gaat de fantasie met de schrijver op de loop, bijvoorbeeld als hij zegt dat in Jericho de bovenmeester een handtekening van Jezus wil, 'om in te lijsten, voor op school.' En soms gaat zijn fantasie de fout in, bijvoorbeeld in het verhaal over de storm op het meer, als Petrus - die hier Peter heet - roept dat hij gaat gijpen en dat dus het grootzeil naar beneden moet: iedereen die wel eens heeft gezeild, weet dat het met storm onmogelijk is om je zeil te laten zakken als er een gijp dreigt...
Maar dit vergeef je Karel Eykman graag, evenals de vele personen die hij weggelaten heeft, zoals Judas de verrader en Barabbas de moordenaar: daar gaat het niet om in dit boek. Waar het wèl om gaat, om Jezus als mens, dat komt prachtig uit de verf. Opeens ga je Jezus met andere ogen zien: hij komt dichter bij je dan ooit.

Karel Eykman: Jezus – van mens tot mens, De Fontein / Kwint'essens, ISBN 9789026128554, € 19,95, 10+ en volwassenen, in de boekenhoek te koop. 

-----------------------------------------------------------------------------------------

Jezus als schooljongen die met een bloedneus en onder de blauwe plekken thuiskomt omdat hij het op het schoolplein heeft opgenomen voor een jochie dat gepest werd. Jezus die niet wil dat de mensen in hém geloven, maar in God. Jezus die verlegen wordt van zoveel dankbaarheid van mensen die weer hoop krijgen na een toespraak van hem. Jezus die het benauwd krijgt van al die mensen die tegen hem opkijken 'alsof ik godweetwat ben.' Jezus die tijdens het laatste avondmaal op zijn vrienden proost met: 'Wie zou ik zijn als ik jullie niet had?' En Jezus die, als hij gearresteerd is, tegen hogepriester Kajafas zegt: 'Ik heb mij nooit de zoon van God genoemd. Ik noem mij de zoon van mensen, niet meer en niet minder.'

ImageIn dit boek laat Karel Eykman een kant van Jezus zien die je vast nooit eerder zo is opgevallen: zijn menselijke kant. Het is een mooie kant: Jezus gaat voor eerlijkheid en vrede, hij vindt arme en zieke mensen meer de moeite waard dan rijke heren en machtige baasspelers, maar een watje is hij niet! Terwijl hij gewaarschuwd wordt om niet naar Jeruzalem te gaan omdat het daar veel te gevaarlijk voor hem is, gaat-ie tóch. Je moet maar durven!

Nu is Karel Eykman een schrijver met veel fantasie, maar wel fantasie die uit de  bijbel voortkomt, waardoor je als het ware wakker geschud wordt en denkt: hé, zo zou het best wel eens gegaan kunnen zijn. Zo verzon Eykman een farizeeër die vanaf het begin van het boek tégen Jezus is, maar hem langzaamaan steeds meer gaat respecteren: niet dat hij het met Jezus eens wordt, maar hij wil hem bestrijden met woorden en niet met geweld, zoals de farizeeën in Jeruzalem. Hij waarschuwt Jezus zelfs tegen zijn Jeruzalemse collega's... Dit staat wel niet in de bijbel, maar het is logischer dan dat álle farizeeën tegen Jezus geweest zouden zijn.

Fantasie op deze manier helpt je denken. Soms gaat de fantasie met de schrijver op de loop, bijvoorbeeld als hij zegt dat in Jericho de bovenmeester een handtekening van Jezus wil, 'om in te lijsten, voor op school.' En soms gaat zijn fantasie de fout in, bijvoorbeeld in het verhaal over de storm op het meer, als Petrus - die hier Peter heet - roept dat hij gaat gijpen en dat dus het grootzeil naar beneden moet: iedereen die wel eens heeft gezeild, weet dat het met storm onmogelijk is om je zeil te laten zakken als er een gijp dreigt...
Maar dit vergeef je Karel Eykman graag, evenals de vele personen die hij weggelaten heeft, zoals Judas de verrader en Barabbas de moordenaar: daar gaat het niet om in dit boek. Waar het wèl om gaat, om Jezus als mens, dat komt prachtig uit de verf. Opeens ga je Jezus met andere ogen zien: hij komt dichter bij je dan ooit.

Karel Eykman: Jezus – van mens tot mens, De Fontein / Kwint'essens, ISBN 9789026128554, € 19,95, 10+ en volwassenen, in de boekenhoek te koop. 

Duizend kraanvogels

Misschien herinner je je de tsunami nog die een jaar geleden de kust van Japan overspoelde waardoor duizenden mensen omkwamen. Het ergste was dat ook een rij kerncentrales verwoest werd. Daarbij kwam veel radio-activiteit vrij: straling die je niet ziet maar waarvan je jaren later kanker kunt krijgen.

ImageLang geleden overkwam dat een Japans meisje, Sadako. Toen er in 1945 een atoombom viel op Hirosjima, de stad waar zij woonde, was ze twee jaar. Ze leek gezond op te groeien en was supergoed in hardlopen. Pas toen ze elf was, werd ze er ziek van.

Een vriendinnetje vertelde haar het oude Japanse verhaal dat je een wens mag doen als je duizend kraanvogels vouwt van papier. In Japan is de kraanvogel het symbool voor een lang leven, hoop en geluk. Sadako begon te vouwen en wenste dat ze beter zou worden en weer zou kunnen hardlopen. Ze bad ook of alle andere kinderen die ziek waren geworden van de straling beter mochten worden.

Of ze genoeg kraanvogels vouwde, weet niemand, maar beter werd ze niet. Ze stierf in 1955. Toch waren de vele kraanvogels die ze had gevouwen niet voor niets: het verhaal over haar werd wereldberoemd en ze kreeg een monument in het Vredespark in Hirosjima. Klik bij Wikipedia op Sadako Sasaki en je ziet het.

Duizend kraanvogels is een prachtig nieuw prentenboek over Sadako, verteld vanuit haar kat. De illustraties lijken op oude Japanse prenten en de gezichten daarin op Russische matriosjka-poppetjes. Een boek om stil van te worden.

Ook voor de slachtoffers van de tsunami en de kernramp van vorig jaar in Japan werden duizenden kraanvogels gevouwen. Dat kun je nu weer doen. Om aan de kinderen te denken die ziek zijn van de radio-actieve straling. En voor iedereen die erg ziek is. Op internet staat hoe je zo'n kraanvogel kunt vouwen.

Judith Loske: Duizend kraanvogels, De Vier Windstreken, ISBN 97890-51162059, € 13,95, 6+.

 

 
 
 
 

-----------------------------------

Volgende dienst
16 Oct 11:11
Kijk voor actuele informatie alstublieft op onze nieuwe website: www.DominicusAmsterdam.nl
-----------------------------------

Recente overwegingen
Lessen voor levenden - Mirjam Wolthuis
Hilde Domin, dichteres van de ballingschap - Kees Kok
Dorothee Sölle - Colet van der Ven
-----------------------------------

Laatst bijgewerkt (selectie)
-----------------------------------